Niagara Falls

Een waterval is eigenlijk best een banaal ding. Een rivier die over een afgrond glijdt, naar beneden valt en van daaruit gewoon weer verder vloeit. Simpel en het ziet er eigenlijk vierentwintig uur per dag quasi gelijkaardig uit. Maar hoe belachelijk de bovenstaande beschrijving ook klinkt; watervallen hebben een niet te ontkennen aantrekkingskracht. Ook op mij. Zet me gerust op een bankje met zicht op een waterval, dat houdt me wel enkele uren zoet. Het is immers ronduit fascinerend om naar zo’n kolkende watermassa te kijken. Ik genoot er al van in het Dorrigo National Park in New South Wales, ik raakte onder de indruk van Wentworth Falls nabij Sydney, ik zag de Rijnwaterval in Schaffhausen en natuurlijk ontbreekt ook ons eigenste Coo niet op de lijst. Allemaal mooi en leuk, maar de echt grote kleppers ontbreken helaas nog op m’n teller. Tot vandaag dan toch. Want wat hoort een gemiddelde toerist te doen tijdens z’n citytrip naar Toronto? Juist: hij rijdt naar de grens met de Verenigde Staten en hij aanschouwt daar een duizelingwekkend natuurfenomeen.

DSC02594DSC02600

We gaan dus naar Niagara Falls, al spenderen we eerst nog twee uurtjes in Canada’s Wonderland. Hoewel we daar gisteren al waren, zijn we er niet in geslaagd om het volledige pakketje credits binnen te rijven. Daarom halen we vanochtend nog even onze Platinum Pass boven om zo een – dat lees je goed – Wild Mouse te doen. Daarna starten we aan de autorit richting Niagara Falls, wat volgens Google Maps ongeveer anderhalf uur in beslag neemt. Mr Google blijkt helaas te optimistisch, want met het drukke verkeer vanmiddag mogen we daar een vol uur bij tellen. Ondanks de file komen we nog steeds met grote verwachtingen aan. En verrassend genoeg hebben we al een vrij indrukwekkend zicht op de watervallen nog voor we onze huurwagen geparkeerd hebben.

DSC02529

Niagara Falls bestaat ruwweg uit drie afzonderlijke watervallen. Van klein naar groot zijn dat de Bridal Veil Falls, de American Falls en de Horseshoe Falls. Die twee eersten liggen volledig op Amerikaans grondgebied, terwijl de imposante Horseshoe Falls letterlijk op de grens tussen de USA en Canada ligt. Beide landen hebben de watervallen natuurlijk aardig uitgebouwd als het op toerisme aan komt. Toch pakten ze het allebei totaal anders aan. De Amerikanen hebben het Niagara Falls State Park en hebben veel oog voor de natuurlijke schoonheid en het groen. De Canadezen hebben dan weer perfect gesnoeide tuintjes en Clifton Hill, een Vegas-achtige boulevard vol smakeloosheid. Het is zo’n typische straat waarin de onvermijdelijke Ripley’s Believe It or Not, wassenbeeldenmusea, themarestaurants en spookhuizen gevestigd zijn. Je kan verder ook minigolfen, karten en videogames spelen in een van de talrijke arcades. Clifton Hills is trouwens zo kleurrijk en volgepropt met frutsels dat je hier wel ‘ns door moet wandelen wanneer je ooit de watervallen bezoekt. Maar of dit echt het beeld is dat ik verwachtte bij Niagara Falls? Neen, totaal niet.

DSC02526DSC02525DSC02588

Omdat deze blog nog steeds Rollercoaster Traveller heet, moet ik simpelweg vermelden dat er ook achtbanen in de omgeving staan. Op nog geen vijf minuten rijden van de Horseshoe Falls vind je namelijk Marineland Theme Park. Dit is een soort Canadese versie van SeaWorld, inclusief aquaria en shows. Maar er staan dus ook coasters: een Zierer Tivoli Small en een Arrow multilooper uit 1983. Die laatste is het vermelden waard, want deze zogenaamde Dragon Mountain is een soort terrain coaster met een totale lengte van bijna 1,7 kilometer. Het is een baan waar ik op YouTube ooit eens aangenaam door verrast werd, al slaan we ‘m vandaag wel over. Onze tijd in Niagara Falls is redelijk beperkt en bovendien is er geen mogelijkheid om een los kaartje voor Dragon Mountain te kopen. We horen de volle pot voor Marineland te betalen als we deze baan willen beleven en dat is dus niet ons plan. Misschien een volgende keer.

DSC02527

Goed… geen coaster credits vandaag, maar we bezoeken wel een van ’s werelds beroemdste natuurwonderen. Aan de Canadese oever loopt een lang wandelpad dat het ene imposante uitzicht na het andere oplevert. Vooral aan de rand van die enorme Horseshoe Falls is het vanmiddag drummen voor een plekje aan de reling. Met enig geduld kom je echter wel vooraan, waar het uitzicht me ontzettend klein doet voelen. De omvang van het geheel is op foto’s lastig te vatten, maar geloof me: in real-life is dit pure waanzin. De Horseshoe Falls zijn zelfs zo reusachtig dat de American en Bridal Veil Falls plots vrij gewoontjes ogen. Alles is natuurlijk relatief – ook die laatste zijn immers gigantisch – maar Horseshoe Falls is duidelijk de absolute blikvanger van Niagara Falls.

DSC02520

DSC02522
Horseshoe Falls
DSC02587
American Falls (links) en Bridal Veil Falls (rechts)

Het toeristische vermaak aan de Canadese zijde beperkt zich niet louter tot casino’s, spookhuizen en suffe tourist traps. Er zijn ook activiteiten die je uitzicht op de watervallen aardig kunnen plussen. Je kunt de Falls bijvoorbeeld vanuit de hoogte bekijken op het observatieplatform van de Skylon Tower (of je kiest voor een overpriced dinertje in het daarbij horende draaiende restaurant). De populairste attractie voor toeristen is echter Maid of the Mist. Deze boottocht langs de watervallen wordt gekenmerkt door water, meer water en tientallen toeristen met felgekleurde poncho’s. Het is zo’n activiteit die vele websites als een must-do bestempelen, maar wij passen er vandaag voor. We kozen helaas een grijze en regenachtige dag voor ons bezoek, dus deze extra garantie op natte kleren kunnen we eigenlijk best missen. Gelukkig is het zelfs al vermakelijk om te zien hoe die kleine bootjes half in het neerklaterende water verdwijnen. Het gegil van de opvarenden krijg je daar gratis bij.

DSC02541DSC02580

De meeste reisgidsen definiëren de Canadese zijde als de kant met het beste uitzicht. En dat het panorama over Niagara Falls schitterend is, kan ik alleen maar beamen. Toch is er slechts één manier om uit te zoeken of die reisgidsen gelijk hebben: oversteken naar de Verenigde Staten. Dat klinkt aanvankelijk als een hele rompslomp. Als je ooit naar de USA reisde, weet je namelijk dat grenscontroles op luchthavens daar best diepgaand kunnen zijn. De oversteek te voet valt ons vandaag echter reuze mee. We betalen enkele kwartjes om de zogenaamde Rainbow Bridge over te steken en we komen aan de overkant in een goed georganiseerd douanekantoor terecht. We moeten daar onze vingerafdrukken laten scannen en het is uiteraard noodzakelijk om je reispaspoort bij te hebben, maar verder is dit echt een fluitje van een cent. De procedure richting Canada werkt gelijkaardig, al is het bureautje aan Canadese kant minder efficiënt en loopt onze wachttijd daar aardig op.

DSC02533DSC02537

Maar goed: Niagara Falls langs de Amerikaanse zijde van de grens. Eerst en vooral is het een verademing om hier aan te komen. Zo schreeuwerig de Canadese overzijde is, zo natuurlijk oogt het hier. Er is een bezoekerscentrum met rangers, maar verder bestaat het park vooral uit wandelpaden door het groen. Die leiden naar de verschillende uitzichtspunten, die je voornamelijk op het zogenaamde Goat Island terugvindt. Dit eiland ligt tussen de American/Bridal Veil Falls en de Horseshoe Falls, waardoor ideale uitzichten gegarandeerd zijn. Het verschil met de overkant is trouwens opmerkelijk: in Canada genoten we vooral van weidse panorama’s en totaaloverzicht, terwijl de VS ons opmerkelijk dichter bij de actie brengt. De kracht van de Horseshoe Falls wordt me vanaf deze oever nog duidelijker, maar het is voornamelijk de American Falls die opeens een stuk beter uit de verf komt. Wanneer we op het aangrenzende platform staan, merk ik pas hoe enorm zo’n 34 meter hoge waterval eigenlijk is. Je kan het water hier in close-up over het randje zien stromen, wat ik stiekem veel monumentaler vind dan dat postkaart-uitzicht vanuit Canada.

DSC02550DSC02554DSC02545DSC02567DSC02572

Reisgidsen die beweren dat een bezoek aan de Canadese oever van Niagara Falls ruim voldoende is, krijgen bij deze ongelijk. ’t Is natuurlijk puur persoonlijk, maar ik vond de Amerikaanse kant stiekem boeiender. De omgeving is er mooier en de brute kracht van de watervallen was een stuk beter voelbaar. Uiteraard is niet hoeven te kiezen nog steeds de allerbeste optie. Je kan de Canadese en Amerikaanse zijdes van Niagara Falls probleemloos binnen één dag combineren om zo alle facetten te ontdekken. Het overzicht van Canada en de close-ups van de USA, dat is Niagara op z’n best.

Het is alweer een met achtbanen gevulde reis. Zestien exemplaren in Canada’s Wonderland en we reizen morgenavond naar het legendarische Cedar Point, waar een vergelijkbaar aantal te vinden is. En hoewel al die sensatie op coaster tracks niets minder dan fantastisch is, voelt het tevens heerlijk om even iets anders te doen. Als dat andere ding een natuurwonder van wereldformaat is, wordt het trouwens nog leuker. Ondanks het trieste weer was onze namiddag aan Niagara Falls dus top. Ik leerde er dat de Horseshoe Falls waanzinnig zijn, dat de American Falls logischerwijs vooral indrukwekkend zijn vanuit de USA en dat Bellewaerde Park z’n Niagara toch net een tikkeltje minder imposant is. Krijg je ooit de kans om hierheen te reizen? Twijfel dan geen moment, want zo banaal blijkt deze waterval uiteindelijk niet te zijn.

DSC02559

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: