Parc d’Atraccions Tibidabo

Ik ben met Phaedra in PortAventura geweest. Het was fijn. Serieus: met een ongelooflijke souplesse over de tracks van ‘Shambhala’ scheuren, acht intense loopings overwinnen bij ‘Dragon Khan’ of het verschroeiende toneeltje van ‘Templo del Fuego’ bewonderen, dat gaat eigenlijk nooit vervelen. De tsunami die op onze Tutuki-boot landde, deed bovendien tijdelijk vergeten dat Salou eind augustus onder een loden hitte kreunt. Drie dagen pretparkplezier met Woody Woodpecker, evenveel overnachtingen in het aanpalende ‘Caribe Resort’, een imposante voorstelling van Cirque Du Soleils ‘Amaluna’ en een blauw armbandje dat drie uur durende wachttijden reduceerde naar een comfortabel kwartier… Ja, het was tof. Heel tof zelfs, want ik had met Phaedra een first-timer in ’t gezelschap die van de ene verbazing in de andere viel. Maar mijn mening over PortAventura bleef quasi ongewijzigd ten opzichte van vorig jaar, dus voor een gedetailleerd report verwijs ik je graag naar juni 2014. Het huidige twintigste jubileum levert helaas geen extra attracties op en het hippe ‘Ferrari Land’-project bevindt zich momenteel nog in het prille begin van de bouwfase. Voor een family pack aan nieuwigheden moesten we het dus niet doen.

Tot zover hetgeen we al wisten, tot zover ons bezoek aan PortAventura. Is dit dan het kortste tripverslag ooit? Niet noodzakelijk. In tegenstelling tot vorig jaar, koppelen we in 2015 immers een heuse minivakantie aan onze trip naar PortAventura. Er horen bijvoorbeeld de twee avonden op de strandboulevard van badplaats Salou bij. Daar slurpen we tussen hordes bruingebakken Britse en Nederlandse jongeren aan lachwekkend goedkope cocktails en profiteren we van de verkoelende zeebries. We trekken dit soort Toerisme met een grote T enkele dagen later naadloos verder in het honderd kilometer noordelijker gelegen Barcelona. De hoofdstad van Catalonië staat al jaren bekend als een Europese topbestemming. Architectuur, strand, kunst, shopping en culinaire verwennerij; je vindt het allemaal op deze toeristenhub. Als je opgewassen bent tegen de alles verzwelgende kracht van de massa tenminste. Ik moet toegeven dat de Catalaanse hoofdstad me bitter matig kan boeien. Noch de beroemde ‘La Rambla’, noch het park op Montjuïc doen me echt iets. Zelfde gevoel bij de blikvanger der blikvangers: de ‘Sagrada Família’ is een verplicht nummertje in de toeristenscène van Barcelona, maar of ik die half afgewerkte basiliek nu echt verbluffend mooi vond? Nein Man. Gelukkig belooft men dat m’n entreegeld van vijftien euro rechtstreeks in de verdere afwerking van het gebouw geïnvesteerd wordt. Mooi, zet daar dan maar meteen wat tempo achter.

Noem me gerust een cultuurbarbaar, maar ik voel mezelf echt nog het comfortabelst in de loungebanken van de bar die zich op het dak van ons hotel nestelde. Het trendy ‘Pulitzer’ – onthoudt die naam alsjeblieft goed wanneer je naar een kwalitatief hotel in Barcelona zoekt – ligt op tien stappen van de centrale ‘Plaça Catalunya’ en verwent ons drie nachten lang met hemelse bedden en een ontbijtbuffet waarbij de keuze haast te uitgebreid is. De bijhorende rooftop bar trekt ons weg uit het toeristische speelterrein en doet dat met stijl. Wanneer we ons in een cosy fauteuil neervlijen, merken we immers dat de professionele bartenders de kneepjes van het mixology-vak maar al te goed kennen. Ja tuurlijk, zet allemaal maar op onze kamerrekening. Op de dag van check-out weet receptioniste Dorotha het subtiel uit te drukken als ‘It seems that you had quite a few drinks in our rooftop bar’. Yes, we did… Gelukkig bestaat er op zulke momenten nog zoiets als een MasterCard.

Natuurlijk zitten we ons niet louter te bezatten in de zwoele Catalaanse avondlucht; die MasterCard heeft immers ook z’n limiet. Neen echt, we vinken heus wel wat leuke landmarks aan. De trappen van ‘Palau Nacional’ beklimmen met zicht op de bijhorende fonteinen is tof, net zoals ons (weliswaar pittig geprijsde) bezoek aan ’t legendarische voetbalstadion ‘Camp Nou’. Verder ben ik ook fan van het moderne ‘Port Olímpic’ en de sjieke uitzichten over de stranden van Barcelona. Trouwens… over uitzichten gesproken. Tijdens de laatste dag van onze citytrip gaan we voor de ultieme views over deze metropool. Die views scoor je – in tegenstelling tot wat vele toeristen denken – niet op de Montjuïc of vanuit de iconische tuinen van ‘Parc Guëll’, maar wel vanop de hoogste berg die aan de stad grenst: de Tibidabo. En die naam doet wellicht een belletje rinkelen bij pretparkliefhebbers. Op de top van deze ruim vijfhonderd meter hoge heuvel ligt immers het amusementsparkje ‘Parque de Atracciones del Tibidabo’.

Eerste (niet onbelangrijke) taak van de dag: er geraken. Je kan die halve kilometer hoog geraken met de kabelspoorweg of je kan extreem sportief zijn en te voet klimmen. Wij opteren echter voor de veruit handigste transportwijze en dat is de zogenaamde ‘Tibibus’. Deze pendeldienst rijdt op zeer regelmatige tijdstippen van de Plaça Catalunya tot op de bergtop en een enkeltje kost nog geen drie euro per persoon. De bus zigzagt zich vervolgens binnen het halfuur een weg naar boven en garandeert adembenemende uitzichten op het steeds kleiner wordende Barcelona. Na aankomst volgen twee goede nieuwsfeitjes: op de Tibidabo is de zomertemperatuur een stuk draaglijker dan in de binnenstad en dankzij een gisteren gevonden kortingsbon kunnen we een all-in ticket kopen voor 21,00 euro in plaats van de gebruikelijke 28,50 euro. Dat verdient een like!

Het moet gezegd worden: Tibidabo ligt er prachtig bij. Uiteraard komt het allemaal vrij simpel over als je enkele dagen eerder nog door PortAventura liep. Men bootste hier immers geen uitgestrekte Chinese pleinen, Polynesische rimboes of vlammende Mexicaanse tempels uit. Maar toch: zelfs zonder thema ziet het geheel er tof uit. Het park is behoorlijk groen, de paadjes zijn brandschoon en in het attractieaanbod spotten we verrassend veel goed onderhouden classics. Een piratenboot, een zweefmolen, een topspin en een grootse autoscooter-piste… ’t Zijn zulke attracties die je dag niet màken, maar ‘m wel completer doen aanvoelen. In datzelfde rijtje plaats ik ook de lokale boomstammenbaan. Hoewel die er ietwat kaal bij ligt, is zo’n waterattractie helemaal geen overbodige luxe in augustus.

Location location location. ’t Is een begrip dat men in dit park maar al te goed begrepen heeft. Je pretpark op een heuveltop bouwen, creëert wellicht de nodige uitdagingen. Maar damn, wat krijg je daar knappe uitzichten voor terug! ‘Parque de Atracciones del Tibidabo’ construeerde dan ook meerdere attractie die de views en de unieke locatie benadrukken. De meest iconische uit dat rijtje is misschien wel Avió, het knalrode vliegtuig dat wijde cirkels boven de afgrond zweeft. Deze ride is opvallend en uniek in pretparkland, al heeft ie minder positieve neveneffecten. Eén: de capaciteit is ronduit dramatisch en wachttijden lopen hier dan ook in een mum van tijd op. Zelfs wanneer we een kwartiertje na parkopening arriveren, staat hier al een wachttijd van vijfenveertig minuten. Twee: verwacht vooral geen thrillride, want ‘Avió’ draait haar rondjes aan een slakkentempo. De combinatie van deze beide factoren overtuigt ons vlotjes om rechtsomkeert te maken en de attractie over te slaan.

Genoeg andere manieren om de hoogte te beleven; het reuzenrad bijvoorbeeld. Nuja… reuzenrad is misschien niet de correcte naamgeving in dit geval. In een doorsnee pretpark zou het ding nogal lachwekkend ogen, maar hier maakt de dreigende afgrond het ritje des te spannender. Of wat dacht je van een vreemdsoortig alternatief waarbij je rechtstaat in een piepklein gondeltje? Eén van de – naar mijn mening – origineelste manieren om van de hoogte te proeven, is met een rondje op een vliegend tapijt. Ik vind een inverted monorail doorgaans even nuttig als een sneeuwruimer in Bangkok, maar bij dit specifieke exemplaar is dat hangende aspect wel degelijk waardevol én visueel aantrekkelijk.

Visueel aantrekkelijk is ook een term die van toepassing is op de ‘Iglesia del Sagrat Cor’, de kerk die boven het pretpark uittorent. Zowel de naam als het gedaante doen terugdenken aan de befaamde ‘Sacré-Cœur’ in Parijs. Bovendien krijg je in beide gevallen een fantastisch panorama op een Europese grootstad cadeau wanneer je een stevige portie trappen beklimt. Spot het gestructureerde stratenplan van het Eixample-district, kijk ‘ns naar de cruise-schepen die talrijk voor anker liggen aan de waterkant en in de verte zie je zelfs de bedrijvigheid van de luchthaven. Ik hou van pretparken die een beetje anders zijn en uitzichten zijn een mooie manier om dat te bereiken. Ocean Park Hong Kong bekleedt op dit vlak een niet te kloppen eerste plaats, maar ook Tibidabo scoort zeer verdienstelijk.

Het voordeel van een uitzicht? Je kan een relatief brave rollercoaster binnen no-time omtoveren tot een thrillmachine. Men paste deze truc bijzonder doeltreffend toe bij Muntanya Russa, een in 2008 geopende Vekoma met een unieke lay-out. Laat me even RCDB erbij halen om te bewijzen dat ‘Muntanya Russa’ geen al te legendarische statistieken te bieden heeft. De lifthill is vijfentwintig meter hoog en de baan is een goeie zevenhonderd meter lang. Toch had ik nog maar zelden zoveel kriebels tijdens een first drop. Ten eerste volgt deze terrain coaster de bergcontouren ruim dertig meter naar beneden en zodoende bereikt ie een respectabele snelheid van tachtig kilometer per uur. Ten tweede lijkt die first drop je rechtstreeks naar het stadscentrum van Barcelona te katapulteren. Een absoluut topmoment dat succesvol voortgezet wordt met krachtig bochtenwerk tussen de bomen. De soepelheid van ‘Muntanya Russa’ overtuigt me trouwens van ’t feit dat het tijdperk der Vek-Auw!-ma banen echt wel voorbij is. De Nederlanders leverden hier immers een waar juweeltje af, waar we dankzij de onbestaande wachtrij meteen nogmaals van genieten. Dit geniale ding staat alleszins in schril contrast met achtbaancredit nummer twee: ‘Tibidabo Express’ is een Zamperla powered coaster met een ovalen circuit langs de parkgrens. Wanneer ik je daarbij zeg dat een flauw uitgevoerde tunnelpassage het interessantste stuk is, weet je wellicht voldoende.

Niet elke ride is dus even imposant, maar mag ik even vermelden hoe professioneel en lief de personeelsleden van Tibidabo zijn? Want echt: hoewel dit park geen echt wereldschokkende dingen te bieden heeft, lijkt haast iedereen hier met een toegewijd hart te werken. Of het nu achter de kassa, aan de achtbaan, in de horeca of tijdens het schoonmaken is; een hartelijke glimlach is heel gebruikelijk. ’t Is stiekem jammer dat ik dat opmerkelijk vind, want dat wil zeggen dat de meeste andere pretparken veel slechter scoren. Enkele dagen geleden maakte ik me nog vreselijk druk in het ongemotiveerde en doorgaans slome personeel van PortAventura (excuses aan de weinige uitzonderingen, zoals het perfect geoliede team van ‘Shambhala’ bijvoorbeeld). Ook de kennis van vreemde talen was daar een kleine ramp. Tibidabo is een stuk minder internationaal gefocust, maar scoort alsnog op beide vlakken beter. Men helpt ons hier in een zeer behoorlijk Engels verder en wenst ons daarna een gemeende fijne middag. Kijk ‘ns allemaal, zò hoort pretparkpersoneel te zijn. Beide duimen omhoog.

Een mooi voorbeeld van service ten opzichte van je anderstalige gasten: ervoor zorgen dat ze het achtergrondverhaal van je attractie begrijpen. Tibidabo biedt op ’t eerste gezicht geen rides waar storytelling mee gepaard gaat, maar toch is er één uitzondering. En dat is er meteen ook eentje om trots op te zijn: Hotel Krueger. Deze walktrough met live-acteurs wordt op vele fansites geprezen voor z’n thema en de geslaagde schrikeffecten, dus dat moeten we uittesten. Enkele jaren geleden zou ik daar vriendelijk voor geweigerd hebben, maar dankzij goeie ervaringen in onder meer Europa-Park en Liseberg heb ik er nauwelijks nog problemen mee. Bovendien lijkt ‘Hotel Krueger’ de Spaanse versie van het Zweedse ‘Spökhotellet Gasten’ te zijn, een haunted house dat me vorig jaar ten zeerste overdonderde met haar indrukwekkende themaniveau. Tibidabo doet het in mijn ogen helaas net iets minder goed. De eerste vertelscène in de hotellobby is buitengewoon sfeervol en doeltreffend, maar daarna wordt ‘Hotel Krueger’ een relatief standaard spookhuis. Heb ik het gevoel dat we in een verlaten hotel ronddwalen? Neen, niet bepaald. Het is dus een beetje kiezen wat je zelf leuker vindt. Wil je ’n grootse themabelevenis en chique decors? Opteer voor het Zweedse ‘Hotel Gasten’. Ben je eerder gericht op de schrikeffecten en een duister geheel? Check dan in bij ‘Hotel Krueger’. En hoewel ik er niet helemaal ondersteboven van was, moet ik toegeven dat dit een zeer solide attractie is voor een dergelijk pretpark. De toegang is overigens gewoon inbegrepen bij onze wristband, wat redelijk uniek is.

Tenzij je van plan bent om elke standaard kinderattractie en elke flatride te doen, is Tibidabo niet de meest dagvullende activiteit. Hoor je bovendien ook hoe die rooftop bar ons zachtjes terugroept voor een aperitiefje? Anyway: er zijn voldoende geldige redenen om halverwege de middag terug af te dalen richting Barcelona. Zijn we nu een onvergetelijke ervaring rijker? Wel, ik moet toegeven dat Tibidabo me ondanks haar beperkte aanbod en oppervlakte aangenaam wist te verrassen. Ik verwachtte een simpel en gedateerd minipark dat z’n enige sterkte haalt uit de locatie. En natuurlijk zou dit park heel wat minder waardevol zijn zonder de uitzichten, maar toch kregen we veel meer dan dat. Tibidabo biedt een mooi gebalanceerd familieaanbod waarbij vooral ‘Hotel Krueger’ en de fantastische ‘Muntanya Russa’ onze aandacht trekken. Bovendien kan ik niet genoeg benadrukken hoezeer het personeel m’n hart gestolen heeft en dat levert Tibidabo een onschatbare meerwaarde op. Een pretpark vol doodsaaie medewerkers, dat klopt immers niet. Dus hoe matig Barcelona me ook wist te grijpen; Tibidabo vormde op zichzelf een mooi lichtpuntje.

Ik ben met Phaedra in Tibidabo geweest. Het was fijn. Serieus: met een ongelooflijke souplesse over de tracks van ‘Muntanya Russa’ denderen, vol suspense naar de verhalen van een creepy hotelreceptionist luisteren of een reuzenrad doen op ruim een halve kilometer hoogte, dat gaat eigenlijk nooit vervelen. En zo groeide het kortste PortAventura-report aller tijden uit tot een brokje tekst over dat andere pretpark nabij Barcelona. En hoewel je daar niet over kilometers B&M-staal of het pijnlijke Intamin-alternatief kan scheuren, loont het beslist de moeite om dat zelf eens uit te testen. Adéu!

2 gedachtes over “Parc d’Atraccions Tibidabo

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s