Dagboek Down Under – Sydney

Woensdag 30 maart 2016

Goedemorgen iedereen. Laat ons meteen van start gaan met een flashback naar het jaar 2003. Dertien jaar geleden werd er een adres geïntroduceerd dat tot vandaag in eenieders geheugen gegrift blijft. En je weet het; adressen zijn verdomd moeilijke materie om te onthouden. Zelfs als het over de meest iconische gebouwen ter wereld gaat, weet haast niemand op welke straat die exact liggen. Ooit gehoord van Avenue Anatole nummer 5? En van 1600 Pennsylvania Avenue? Of kende je nummer 1 op de Sheikh Mohammed bin Rashid Boulevard al? Ik neem aan dat de meeste lezers hun wenkbrauwen nu aardig fronsen. Maar hey, geen enkel probleem. Ik wist het evenmin en je ziet de Eiffeltoren, het Witte Huis en de Burj Khalifa gelukkig al van een eindje staan. Maar toch… het blijft gek dat geen mens het adres van zulke beroemde landmarks kent, terwijl we daarentegen collectief weten waar we in een Australische grootstad heen moeten als we tandpijn hebben. Schreeuw het gerust nog even in koor uit… P Sherman, 42 Wallaby Way, Sydney!

DSC09177

Had Sydney – wat je officieus gerust als de hoofdstad van Australië mag definiëren – nood aan toeristische publiciteit? Mijns inziens niet. Deze havenstad heeft altijd tot de verbeelding gesproken en ik moet al lang nadenken om een persoon te noemen die Sydney níét op z’n reis-bucketlist heeft staan. Toch zullen de Aussies er beslist niet rouwig om zijn dat Disney een flinke boost aan de populariteit gaf. Iedereen die ‘Finding Nemo’ een leuke film vond (daar hoor jij ook bij, geef het maar toe!) wil immers ooit naar Sydney om een selfie te nemen bij die fameuze tandartsenpraktijk. Ik ook. Dus Dory, waar moeten we naartoe…? Naar P Sherman, 42 Wallaby Way, Sydney, natuurlijk. Allen daarheen!

36 College Street, Sydney. Dat adres is weliswaar een heel stuk minder legendarisch, maar het is voor ons evenwel belangrijk. Op College Street ligt immers onze hotelkamer. We slapen vijf nachten lang in het Pullman Sydney Hyde Park, een chique accommodatie die op wandelafstand van zowat elke eyecatcher ligt. Onze kamer is enorm, in het bad kan je een hele voetbalploeg kwijt en ook met het uitzicht is er helemaal niks mis. We worden de komende vijf dagen namelijk wakker met een adembenemende view op de skyline van Sydney en op de groene oase van Hyde Park. Bovenop het dak krijgen we een vergelijkbaar panorama vanuit het zwembad of vanop zo’n comfortabele loungebank. Heerlijk! We betalen er wel een aardige duit voor, maar ach… Je gaat niet elke week naar Sydney.

DSC09210DSC08778

Oplettende lezers merkten dat ik het daarnet over Hyde Park had. Als Europeaan denk je bij die naam spontaan aan het beroemde stadspark van Londen. Ook wij ervaren het aanvankelijk als een komisch toeval, maar we merken al vlug op dat er meer gelijkenissen zijn. Veel meer zelfs. Achter de hoek van Hyde Park treffen we – en dat is zelfs geografisch geheel correct – Oxford Street, waar we op een vrijdagavond geamuseerd langs de talrijke bars, restaurantjes en clubs flaneren. Enkele andere lanen die we in de buurt van het Australische Hyde Park te vinden, heten Regent Street, George Street, Liverpool Street en Elizabeth Street. Om tussen al die herkenbare adressen te reizen, neem je uiteraard een metro. En zoals je weet, is het daar opletten geblazen voor dat piepkleine spleetje tussen de wagons en het perron… Please mind the gap.

DSC09197DSC08789

Ik hoef je natuurlijk niet te vertellen waarom de straten en pleinen zo’n Brits klinkende namen kregen. Toch wil ik graag aanhalen dat niet enkel de naamgeving, maar ook de look-and-feel van deze stad je quasi rechtstreeks naar het Verenigd Koninkrijk katapulteert. Zo lijkt de kathedraal uit een Engelse dramareeks geplukt, klateren fonteintjes met een Londens accent en shop je in het ‘Queen Victoria Building’ zoals de Britse adel dat doet. Op voorhand was ik wellicht een beetje verblind door de afstand. Ik bedoel maar… als een stad aan de andere kant van de wereldbol ligt, dan hoort die pure exotiek uit te stralen, hè? Toch blijkt het tegendeel waar. Sydney voelt vanaf de eerste seconde vertrouwd en het lijkt met momenten zelfs alsof ik op een hete zomerdag door Londen kuier.

Zo, wat weet je eigenlijk allemaal over Sydney als je die ene tandarts even buiten beschouwing laat? Of wacht… laat me raden. Je denkt op dit moment aan een reusachtige boogbrug en aan een uniek gebouw dat gekenmerkt wordt door elegant golvende witte lijnen. En terecht! Je hebt nu immers het beeld voor ogen dat zowat elke postkaart uit deze stad siert. Ook ik denk bij de term ‘Sydney’ automatisch aan de grillig gevormde haven, aan de kolossale Harbour Bridge die over het water zweeft en aan dat iconische Sydney Opera House. ’t Is bijgevolg geen toeval dat we tijdens onze eerste ochtend al meteen naar de oever van ‘Sydney Harbour’ gezogen worden om onze toeristische foto’s veilig te stellen. Maar in alle eerlijkheid: het levert me meer op dan louter wat verplichte plaatjes. Puur kippenvel, dat is het. Dat moment waarop je voor het eerst het operagebouw en de perfect daarachter gekadreerde ‘Harbour Bridge’ ziet staan, dat is écht kicken in de hoogste graad. Ik ben eindelijk in dat fameuze Sydney, dringt nu tot me door. Heftig.

DSC08828DSC08799DSC08813

Zowel m’n ogen als de lens van m’n camera zullen tijdens de komende dagen veelvuldig op het ‘Sydney Opera House’ gericht zijn. Vanuit elke mogelijke hoek blijft het ding me intrigeren. Los van het feit of je het al dan niet mooi vindt, moet je immers toegeven dat er slechts weinig gebouwen zo’n kenmerkend exterieur hebben. Maar zo herkenbaar de buitenzijde is, zo weinig weet een doorsnee Europeaan over het interieur. Er zijn twee mogelijkheden om daar verandering in te brengen. Eén: je koopt een kaartje voor een show die hier loopt. Het goede nieuwsje van vandaag is dat er heus niet enkel zware opera, maar tevens comedy en concerten opgevoerd worden. Twee: je boekt – net zoals wij dat deden – een guided tour. Toeristisch als de pest (I know) maar het brengt je wel langs de meest interessante hoekjes van het ‘Opera House’. Een uiterst lieve en alwetende gids brengt ons langs drie auditoria en enkele foyers. Buitengewoon uitzonderlijke dingen krijgen we daarbij niet te zien en de concertzalen blijken bovendien minder indrukwekkend dan ik onder die zeilvormige koepels verwachtte. Foto’s maken is tijdens de rondleiding slechts beperkt toegelaten, dus geloof me gerust op m’n woord wanneer ik zeg dat de buitenkant vele malen boeiender is dan de binnenzijde. Ons bezoek aan het ‘Opera House’ verdwijnt dus al snel in het rijtje ‘been there, done that’.

DSC08831DSC09095

Oh God… Ze bestaan dus echt, die meeuwen uit ‘Finding Nemo’. Wanneer we langs de kades rond het operagebouw wandelen, staan ze daar massaal op de uitkijk. Ik moet luidop lachen wanneer ik merk dat een aanzienlijk percentage van de aanwezige toeristen luid ‘Mine mine mine!’ naar de gevleugelde beestjes roept. Hun lege blik verraadt dat de meeuwen in kwestie er niets van begrijpen, waarna ze met een luid gekrijs (en misschien met jouw half opgegeten wafel) wegvliegen. Mag ik een mythe doorprikken? Neen, meeuwen in Sydney roepen niet ‘Mine mine mine’ en neen, ze brengen me ook geen stap dichter bij Wallaby Way.

DSC08834

Vrijdag 1 april 2016

Psssst… negeer even het feit dat donderdag onsubtiel overgeslagen wordt. We gingen gisteren immers naar de ‘Blue Mountains’ en dat nationale park is boeiend genoeg om een apart verslag te krijgen. Geen aprilgrap! Binnenkort dus meer daarover, maar laat me nu alvast kort recapituleren wat ik je in de vorige reports vertelde. Het is eind maart en de Australische zomer is dus voorbij. Over enkele dagen mogen we bovendien een uurtje langer uitslapen dankzij het intredende winteruur. In onze contreien zouden we op zulke momenten sjaals en wollen truien bovenhalen; hier gelden duidelijk andere regels. De tropische hitte van Queensland ligt weliswaar achter ons, maar ook in Sydney tikt de thermometer nog dagelijks een graad of dertig aan. Herfst lijkt opeens een vaag begrip en al helemaal wanneer we met een ferry naar de buitenwijken varen. Of je nu het woord buitenwijk of de typisch Franse term banlieue gebruikt, feit blijft dat het vaak een negatieve connotatie oproept. Brussel heeft het gure Molenbeek, Antwerpen doet het met een grijs Borgerhout en in Parijs heb je dat beruchte Saint-Denis. Niets om vrolijk van te worden… totdat je in Sydney bent. Hier hebben ze namelijk de paradijselijke plaatsjes Bondi, Rose Bay en Watsons Bay.

DSC09030DSC09038

Laat me even bij die laatstgenoemde beginnen. We arriveren er na een boottocht van hooguit een kwartier en ik voel me meteen in een idyllisch kustdorpje aan de Italiaanse Rivièra. Mediterrane villaatjes kijken vanop groene heuvels uit over een rustig kabbelende baai waarin tientallen zeiljachten voor anker liggen. Het beeld wordt compleet dankzij fijne zandstrandjes, wuivende palmbomen en de skyline van Sydney die als majestueuze backdrop fungeert.

DSC09086

Het bekendere Bondi is wat verder verstedelijkt en duidelijk gecommercialiseerd, maar ook hier is de sfeer relaxed en ongedwongen. Je kan in Bondi ongestoord naar de (overwegend modelwaardige) mensen kijken, want dat doet tenslotte iedereen. Toch wordt het visuele vermaak niet enkel gegarandeerd door de gebruinde locals; ook de natuur werkt mee. Een wilde Tasmanzee beukt met volle kracht in op de rotskliffen en rolt verder over het iconische Bondi Beach, alwaar surfers zich in de golven wagen. Mooi om te zien, in alle opzichten.

DSC09044DSC09056DSC09066

Goh kijk, ons bezoek aan die buitenwijken was fijn en zomers, maar we blijven met een belangrijke vraag worstelen. Waar in godsnaam vinden we P Sherman? Hij zat niet met een glas Australische sauvignon op een terrasje in Rose Bay en hij pronkte al evenmin met z’n surfcapaciteiten in Bondi. We keren dus ietwat beteuterd terug naar ‘Circular Quay’, de drukke transporthub van de stad. Op dit centrale punt kruisen bus- en metrolijnen, terwijl je met het ferrynetwerk naar quasi elke uithoek van ‘Sydney Harbour’ kan varen. Ook naar het aan de overzijde gelegen Luna Park bijvoorbeeld. We tonen ons vandaag echter van onze meest sportieve kant en we gaan dit bescheiden pretparkplezier al lopend tegemoet. Het feit dat we daarvoor ‘Harbour Bridge’ moeten oversteken – volmaakte views op het ‘Opera House’ en de haven inbegrepen – wordt niet als storend ervaren.

DSC09119

Je wist het of je wist het niet: Sydney heeft haar eigen pretpark. Dat is helaas voor ons geen vestiging van Universal, Disney of Paramount, maar het kleinschalige en ietwat kneuterige ‘Luna Park’. Het lijkt haast alsof de tijd hier stil bleef staan. Voor extreme en moderne rides ben je immers sowieso aan het foute adres. Toch is dit amusementsparkje in verschillende opzichten legendarisch. Kijk bijvoorbeeld eens naar die waanzinnige locatie… Er staat gewoonweg een pretpark naast de noordelijke pijler van de ‘Harbour Bridge’! Te gek toch? Ook de toegangspoort – die voorzien werd van een extatisch creepy gezicht – oogt niet alledaags. Concludeer overigens niet te vlug dat dit ’s werelds meest griezelige pretparkingang is, want volgende week zal ‘Luna Park Melbourne’ die titel glansrijk verdedigen.

Creditjagers, let nu even goed op. ‘Luna Park Sydney’ lijkt te weten dat jullie louter hierheen zouden komen om die ene operationele credit te scoren. En aangezien je per attractie betaalt, zou hen dat bitter weinig inkomsten opleveren. Daarom bestaat er geen los ritkaartje: je moet een armband kopen waarop minstens twee atttactiecredits staan. Geslepen methode, dat zeker. Anderzijds levert het ons wel een plezierig kwartiertje op, want we spenderen die tweede credit aan het antieke funhouse. Dit zogenaamde ‘Coney Island’ is visueel een terugblik naar het verre verleden, maar binnenin merken we dat plezier tijdloos is. Zo lang mogelijk op een gladde, ronddraaiende schijf blijven zitten en even later een quasi-verticale glijbaan uitproberen; heerlijk.

DSC09161DSC09146

We vinden noch P Sherman, noch z’n nichtje Darla binnenin het ‘Coney Island’. Goed, dan gooien we het stilaan over een andere boeg. Ons plan: ronduit gevaarlijke dingen doen waarbij we mogelijkerwijs al onze tanden kunnen kwijtraken. Als het dan mis gaat, worden we sowieso naar de dichtstbijzijnde tandarts gebracht. Het roekeloze idee brengt me bij een ritje ‘Wild Mouse’, trouwens meteen goed voor een tamelijk waardevolle achtbaancredit. Als je m’n vorige reports las, weet je wellicht dat een quasi identieke coaster vorige week geen blijvende indruk maakte. Er zit echter een belangrijk verschil in de operations: terwijl Michaël en ik in ‘Aussie World’ apart moesten zitten, mogen we hier (als dat lukt) wel tezamen plaatsnemen. Kan je jezelf inbeelden hoe waanzinnig een ritje op die houten wild mouse wordt met zo’n dubbel beladen voertuig? Geloof me: dit is het soort ‘Crazy Leip’ waarvoor die term uitgevonden werd. We overleven de brute, pijlsnelle rit gelukkig zonder kleerscheuren, maar met een eindeloze lachbui als enige neveneffect.

DSC09144DSC09147

Wanneer de nacht valt, wordt ‘Luna Park’ dankzij haar zee van lichtjes een absolute streling voor het oog. Hetzelfde geldt overigens voor heel Sydney, want de stad blijft ook ’s avonds attractief. Sterker nog: sommige stadsdelen lijken pas tijdens de schemering tot leven te komen en Darling Harbour is daar het beste voorbeeld van. Deze hippe uitgaanswijk zit boordevol restaurants, bars en entertainment. Honderd procent toeristisch, dat wel. Toch voelt deze plek niet als een enorme tourist trap en nemen we met plezier plaats in cosy loungezetels op een zwoel terras.

Tja beste meneer Sherman, ik weet het… Cocktails zijn slecht voor m’n tanden, maar hoe zou je zelf zijn? Ik heb een vleugje alcoholhoudende troost nodig. We draaiden deze hele stad ondersteboven om jou en je fameuze Wallaby Way te spotten, maar niks in Sydney lijkt het bestaan ervan te bevestigen. Ik leg me dus stilaan neer bij het feit dat ik die heftig gewilde foto met jouw kantoor nooit zal halen. En wanneer ik straks op internet meer informatie opzoek, zal ik merken dat meerdere reisbloggers reeds dezelfde conclusie trokken zoals ik nu doe: ‘Finding Nemo’ is helaas pure fictie. Marlin en Dory kwamen niet via de East-Australian Current naar Sydney, de enige echte Wallaby Way ligt 900 kilometer noordelijker in Queensland en de bewuste tandartsenpraktijk is onvindbaar. Neen echt, ga gerust zelf eens kijken. Wij vonden P Sherman alleszins niet tijdens het vuurwerk dat op zaterdagavond ‘Darling Harbour’ en haar Promenade kleurt…

DSC09214

 

… en al evenmin in de antieke attracties op Olympic Drive nummer 1…

DSC09232

 

… P Sherman logeerde niet op College Street…

DSC08772

 

… hij liet zich niet zien aan die wereldberoemde Harbour Bridge…

DSC09241

 

… of aan dat absurd knappe bouwwerk op Bennelong Point.

DSC09253

 

Maar weet je wat? Dat is eigenlijk geen probleem. Want of het nu met of zonder een fictieve tandarts is, Sydney blijkt een fantastische plek. Deze Australische metropool heeft werkelijk alles dat je van een grootstad mag verwachten, inclusief de lange winkelstraten, drukke verkeersknooppunten, een imposante skyline en monumentale blikvangers van de hoogste categorie. Ik zou nog urenlang willen benadrukken dat het ‘Opera House’ adembenemend is, dat ik Watsons Bay als een van ’s werelds meest idyllische plekjes beschouw en dat er in ‘China Town’ waanzinnig lekkere geuren door de steegjes zweven. Bovendien is Sydney – in tegenstelling tot elke Belgische stad – een plaats waar vierentwintig uur per dag wat te beleven valt. Vooral op vrijdag- en zaterdagavond vind ik het heerlijk om hier gewoon door de straten te lopen. In de hippe wijk ‘The Rocks’ zien we honderden keurig uitgedoste locals op weg naar de party’s, die letterlijk op elke straathoek en elk dakterras tot in de vroege uurtjes doorgaan. Ook het iets toegankelijkere Darling Harbour barst tijdens weekends haast uit haar voegen. Sydney lééft en ik begrijp na een paar dagen waarom zoveel Europeanen hierheen vertrekken om vervolgens nooit meer terug te komen. Australië heeft me tijdens de afgelopen week reeds aardig kunnen overtuigen van haar kwaliteiten, maar Sydney is pas echt de glimmende rode kers op de taart. Psssst… mag ik hier alsjeblieft komen wonen?

DSC09134

Ach kijk… Mister Sherman bleek spoorloos, er zwommen geen vergeetachtige blauwe vissen door de haven en meeuwen zijn weliswaar irritant (dat hadden de makers van ‘Finding Nemo’ wèl goed) maar ze roepen niet de godganse dag ‘Mine mine mine’. De door Pixar gecreëerde clichés zijn dus niet bijzonder accuraat. Maar als de beloofde clichés niet blijken te kloppen, dan maak je ze toch gewoon even zelf? Et voilà, daar is ie dan: de typische toeristenselfie die meteen op Facebook gezwierd kan worden als nieuwe profielfoto. Tot binnenkort!

DSC08804

Wordt vervolgd…

2 gedachtes over “Dagboek Down Under – Sydney

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s