Parc Astérix

Parc Astérix, beter bekend als dat pretpark waar we altijd voorbij rijden terwijl we onderweg zijn naar Disneyland. Ik heb de afgelopen jaren behoorlijk wat abonnementen van Disneyland Paris versleten en ik ben er dus vaak gepasseerd. Zowat vijfenveertig minuten voor aankomst in Marne-la-Vallée keek ik telkens wel ‘ns naar links om die B&M lifthill te bewonderen, maar verder kwamen we doorgaans niet. M’n aantal bezoeken aan het Gallische stekje van Astérix en Obélix is alleszins op de vingers van één hand te tellen, terwijl ik al vele weken van m’n leven in het Europese Disney Resort heb doorgebracht. Die scheve verhouding wordt op dinsdag 8 mei 2018 net iets minder scheef getrokken. Tezamen met Phaedra, Steven en Nick sta ik ’s ochtends vroeg aan de poorten van het über-Franse, über-komische en vandaag ook über-overbevolkte Parc Astérix.

DSC04569

Parc Astérix is berucht voor z’n drukte en je vermijdt het park dus beter tijdens zomerse weekends en Franse vakantiedagen. Een zonnige dinsdag in mei lijkt ons echter ideaal voor een bezoek, maar helaas hebben de Fransmannen zoiets als Wapenstilstand op die dag. Toegegeven: we hadden dit vorige week reeds ontdekt en we hadden ons bezoek gerust nog even kunnen uitstellen, maar ach… Eenmaal je je zinnen op een dagje Parc Astérix gezet hebt, wil je dat eigenlijk niet meer veranderen. En daarom staan we hier vandaag (tezamen met driekwart van de Franse bevolking) in de file om de parkeerplaats op te rijden. Gelukkig zijn we netjes op tijd aangekomen, zodat we een kwartiertje voor openingstijd aan de toegangspoorten staan. We haasten ons vervolgens naar de informatiebalie om een Pass Rapidus aan te schaffen, maar die voorkruippasjes blijken volgens het opgehangen bordje helaas plus disponible. We zullen vandaag dus onverbiddelijk in lange wachtrijen moeten staan.

DSC04627

Het is geen Main Street USA – die ligt namelijk zowat veertig kilometer zuidoostelijker – maar ook Parc Astérix verdient een pluim voor z’n hoofdstraat. De komieke bouwstijl maakt van deze Via Antiqua een ideale binnenkomer, maar het is vanochtend moeilijk om daar optimaal van te genieten. Tegen tien uur staat de hele laan namelijk propvol met mensen en het is dus behoorlijk wringen wanneer de massa uiteindelijk in beweging komt. Het grootste deel van de bezoekers haast zich wellicht naar het Griekse themadeel voor een legendarische woodie en de nieuwste familieachtbaan in het aanbod. Wij opteren daarentegen voor de iets rustigere rechterkant van ’t park, waar La Trace du Hourra onze eerste halte wordt. Dit is een bobsleebaan die voor de verandering eens niet naar bobsleetjes en Olympische Winterspelen gethematiseerd werd. In ruil daarvoor krijgen we holbewoners, grotten en een gestileerde mammoet. Hoewel dat thema zich beperkt tot de wachtruimte en het station, kan ik dit originele concept goed smaken. Bovendien is ook de rit er eentje om in te kaderen: vooral in het begin haalt La Trace Du Hourra een hoge snelheid en dat maakt het bochtenwerk vrij intens. Vergeet dus die veel te korte Schweizer Bobbahn in Europa-Park en zeg nee tegen die blauwe-plekken-machine in de Efteling… Dit is pas echt een goeie bobslee-achtbaan.

32616792_10215630793339369_6051551388977070080_nDSC04570

La Trace Du Hourra was fijn, daar mag vooral geen twijfel over bestaan. Toch hangt er een wrange smaak aan deze attractie, want de operations waren onbegrijpelijk. Men draaide vanaf het begin met vier treinen, maar om een duistere reden werd er tijdens het eerste halfuur slechts één van die treinen met bezoekers gevuld. Een capaciteitsdrama was het, waardoor de wachtrij binnen no-time volledig vol raakte. Pas vanaf klokslag halfelf zouden ook de drie overige treinen met passagiers gevuld worden. Op dat moment begint de wachtrij opeens een stuk vlotter op te schuiven, maar ik vraag me af waarom dat niet gewoon vanaf 10 uur mogelijk was. Als het een truc was om wachttijden te creëren, is Parc Astérix alleszins in z’n opzet geslaagd. De app van het park geeft inmiddels namelijk een wachttijd van 1 uur en 20 minuten aan voor La Trace Du Hourra. Auw.

32627646_10215630793539374_550031181421215744_n

Ik had stiekem gehoopt dat we na het rondje bobsleeën nog naar een quasi wachttijdloze OzIris konden stappen. Vergeet het maar… Aangezien we zoveel kostbare tijd verloren bij La Trace du Hourra, wordt er inmiddels een monsterlijke wachttijd van 110 minuten voorspeld bij die exotisch ogende inverted coaster. Het aanpalende L’Oxygénarium is daarentegen zo goed als walk-on, dus dat lijkt momenteel een betere deal. Het thema van deze raftride is misschien een beetje atypisch voor Parc Astérix en men mag er best eens met een hogedrukreiniger over gaan, maar dat neemt niet weg dat het een toffe attractie is. We spinnen harder dan een aan coke verslaafde theekopjesmolen en we knallen aan hoge snelheid tegen het voorliggende bootje. Out of control is misschien wat te groots uitgedrukt, maar L’Oxygénarium is echt wel plezierig in z’n eenvoud.

DSC04572DSC04578DSC04577

B&M inverted coasters zijn altijd cool. Zelfs als ze op een kille betonplaat gedropt worden met een stalen bunker als station, ziet zo’n machine er nog imposant uit (ja, Six Flags… ik heb het over jou). Als je het ding daarentegen voorziet van een gedetailleerde Egyptische tempel en een wondermooie waterpartij, krijg je pas echt een oogverblindend resultaat. Dat resultaat heet OzIris en het is sinds 2012 een van Parc Astérix’ ultieme paradepaardjes. Ik vertelde je daarnet dat de wachttijd van deze beauty momenteel zowat twee uur bedraagt, maar er is gelukkig een alternatief: de single ride wachtrij. Het concept single riders wordt in Parc Astérix schijnbaar minder goed begrepen dan in vele andere pretparken, want er staan hooguit vijftien mensen voor ons. Het logische gevolg is dat we na een minuut of tien al de beugels naar beneden trekken en klaar zitten voor B&M’s kenmerkende power. En die power… die is zeker aanwezig. Vanaf het moment waarop de trein zich in de first drop gooit, begint een snelle opeenvolging van heftige inversies en krachtig bochtenwerk. OzIris onderscheidt zich bovendien met een onvoorspelbare lay-out waarbij nauwelijks vaart verloren wordt. Dankzij al die perfectie wil ik deze coaster zelfs gerust vergeven dat er een constant getril aanwezig is. Storend is het niet, maar er zijn oudere soortgenoten die beduidend soepeler bollen. Desondanks blijft OzIris m’n favoriete Franse achtbaan en ook op Europees niveau scoort ie nog steeds hoog.

DSC04593DSC04579DSC04585DSC04588DSC04582DSC04580DSC04583Zo schitterend OzIris erbij ligt, zo simpel werd z’n buurman SOS Numérobis gethematiseerd. Er is wel een achtergrondverhaal bij deze standaard familieachtbaan van Zierer, maar het blijft een kaal ding in een loofbos. Niet de moeite om te bezoeken dus, al denkt creditjager Steven daar anders over. De coasterbingo is vandaag namelijk zijn grootste doel en hij wacht met plezier twintig minuten voor deze Tivoli Medium.

DSC04590DSC04591DSC04589

Na ons middagmaal (een verrassend lekkere en goedkope buffetlunch in een grootse circustent) wordt pas duidelijk hoe druk Parc Astérix vandaag bezocht wordt. De wachttijden voor grote attracties bedragen inmiddels allemaal 60 minuten of meer en wandelpaden zitten overvol. Het goede nieuws dat daaraan vasthangt, is ’t feit dat men vanavond twee uur langer open blijft. We krijgen dus behoorlijk wat extra tijd cadeau, maar er valt ook nog een heleboel te beleven. Een spookhuis, bijvoorbeeld. Transdémonium opende in 2003 en was de eerste van twee darkrides die het park tegenwoordig rijk is (de tweede is mad house Le Défi de César, die we wegens tijdsgebrek helaas niet zouden bezoeken vandaag). Ik herinner me dat ik Transdémonium tijdens vorige bezoeken echt top vond: de duistere setting, de schitterende belichting en enkele spookachtige marionetten creëren hier een heel aparte sfeer. Deze darkride is kermisachtig, maar dan in de meest positieve betekenis van het woord. Helaas kan het ritje vandaag me minder imponeren. De hoofdreden daarvoor lijkt de lage snelheid van de voertuigen. Als ik me niet vergis, werd er vroeger meer met versnellingen en tempo gewerkt, terwijl je tegenwoordig best wel traag en monotoon door de verschillende scènes schuift. Transdémonium heeft nog steeds een zekere charme, maar ik zou er beslist niet opnieuw 50 minuten voor aanschuiven. Jammer.

DSC04594DSC04595DSC04597

Phaedra en Steven moeten vandaag zeven credits binnenhalen om hun coasterbingo veilig te stellen, voor Nick en mij is één enkel exemplaar voldoende. De meest recente toevoeging in het achtbaan-arsenaal heet Pégase Express en ’t is een familiecoaster van Gerstlauer. Ik ben geen uitgesproken fan van deze Duitse constructeur, maar ik moet toegeven dat ze doorgaans best goed zijn in familiale achtbanen. Bovendien wordt Pégase Express beschouwd als de Europese evenknie van Dollywood z’n Firechaser Express, een ride die me vorig jaar uitzonderlijk positief verraste. M’n eerste indruk van Parc Astérix’ nieuwigheid is top: men creëerde een gezellig nieuw plein in het Griekse themagebied en het stationsgebouw ligt er schitterend bij. Wanneer we in de rij aansluiten, worden m’n verwachtingen trouwens niet getemperd. De wachtruimte slingert prachtig door het stationsgebouw en door een stukje groen, terwijl je (naar goeie gewoonte van Parc Astérix) achter elke hoek wel een komisch detail ontdekt. Vaak hebben we bovendien zicht op de coaster zelf, die vandaag met vier treinen een erg hoge capaciteit genereert. De capaciteit ligt zelfs zo hoog dat de voorspelde wachttijd van 80 minuten (!) gereduceerd wordt naar een meer comfortabele drie kwartier. Laat dit trouwens meteen mijn ode zijn aan al het personeel in Parc Astérix: het is ontzettend druk, maar ze werken hier zo waanzinnig hard. Er wordt letterlijk gerend en gezweet om zoveel mogelijk coastertreinen per uur te dispatchen. Daar mag bijna elk Europees pretpark een mooi voorbeeld aan nemen.

DSC04616DSC04601DSC04613

Goed… Pégase Express dus. Wie de baan ooit vergeleek met Firechaser Express had honderd procent gelijk, want de opbouw is identiek. Er is een softe lancering vanuit het stationsgebouw, gevolgd door de lifthill naar een hoogte van 21 meter, een amusant voorwaarts coastergedeelte en ten slotte een achterwaarts stuk. Tijdens de rit vallen voornamelijk de souplesse en de lengte me positief op. De treinen rijden zonder enige trilling en met ruim 900 meter is de baan een stuk uitgebreider dan ik aanvankelijk verwachtte. Toch is het enigszins spijtig dat Pégase Express zich grotendeels op een kaal stuk land direct naast de parking bevindt. De locaties van collega-coasters als Goudurix, Tonnerre de Zeus en La Trace du Hourra zijn dus aanzienlijk mooier, zeker omdat het verboden Medusa-tempeltje beslist beter verstopt mocht worden. Gelukkig neemt dat niet weg dat Parc Astérix met Pégase Express een heel solide familieattractie presenteert. Dit is zo’n typische ride waar je zowel families als thrillseekers mee pleziert. Ik ben fan!

DSC04632DSC04609

Een kijkje op de app leert ons dat Goudurix momenteel de coaster met de kortste wachttijd is. Goh, hoe zou dat toch komen? We moeten er eerlijk in zijn: deze Vekoma multilooper staat bekend als één van Europa’s pijnlijkste achtbaan-ervaringen. Daarom is ’t begrijpelijk dat je er vandaag slechts drie kwartier voor moet aanschuiven. Ook hier stuurt het personeel weer treinen weg alsof hun leven er van af hangt, maar dat is letterlijk het enige feel-good momentje dat ik met Goudurix associeer. Verder moet ik het doen met pijnlijke inversies, onnatuurlijke knikken en wild geschud van start tot finish. Zelfs qua uiterlijk is deze coaster er op achteruit gegaan: de wit-gele trackkleur van vroeger was duidelijk oogstrelender dan die vreemde combinatie van geel, rood en bruin vandaag de dag. Dus lieve mensen van Parc Astérix, gooi Goudurix alsjeblieft plat en bestel een leukere coaster. Je kan daarvoor bij Vekoma, Mack, Intamin of B&M aankloppen, maar zelfs Soquet en Togo kunnen beter dan dit.

DSC04618DSC04622DSC04619

Had ik al gezegd dat het heet is? Met een temperatuur van 27 graden op de thermometer is verfrissing welgekomen. Die verfrissing zouden we liefst zoeken bij Menhir Express, een van de betere (en nattere) log flumes in West-Europa. Zelfs het thema is origineel: je vaart hier niet in een uitgeholde boomstam, maar wel in een holle menhir. Jammer genoeg lijkt Menhir Express vandaag het slachtoffer van z’n eigen succes. We staan een kwartier in de rij (die ver buiten de grenzen van de eigenlijke wachtruimte slingert), maar schuiven uiteindelijk hooguit een meter op. Betalende voorkruipers lijken quasi alle capaciteit op te slokken, waardoor de gewone wachtrij niet of nauwelijks in beweging komt. We geven het dus al vlug op en haasten ons naar een andere waterride: Romus et Rapidus. De naam van deze klassieke rapid river vormt een leuke verwijzing naar de stichters van Rome, al is er nagenoeg geen decoratie te bekennen bij deze attractie. Gelukkig heeft een goeie rapid river weinig thema nodig omdat je toch vooral op de aankomende golven focust. En geloof me: die golven zijn hier behoorlijk intens. Het kan aan onze volgeladen boot te wijten zijn, maar ik stapte zelden zo doorweekt uit een Europese rapid river als hier. Het gaat er zelfs zo heftig aan toe dat er plots een geschatte tien centimeter water in ons vlot staat. Met deze weersomstandigheden vormt dat geen probleem, maar ik zal Romus et Rapidus vanaf nu wellicht vermijden op minder zomerse dagen.

DSC04628DSC04629

De tijd vliegt snel voorbij wanneer je bij zowat elke attractie een uur nodig hebt. Ook bij de rapid river brachten we ruim vijftig minuten in een wachtruimte door, dus het is inmiddels al bijna zes uur. We haasten ons daarom naar het Griekse themagebied, waar Steven de laatste twee ontbrekende schakels naar z’n coasterbingo ontdekt. Bij Le Vol d’Icare hebben we geluk: deze familieachtbaan is pas opnieuw open na een storing en de rij blijft dus binnen de perken. Langer dan vijfentwintig minuten duurt het niet om via een prachtig labyrint in een al even stralend stationsgebouw te geraken. Helaas is de visuele omkadering van deze Zierer-creatie mooier dan de ritervaring zelf: soepel is het ding niet en de banking lijkt op sommige plekken nattevingerwerk. Sinds de opening van Pégase Express moet ik eigenlijk concluderen dat Vol d’Icare een nogal overbodige attractie is. Die gloednieuwe buurman is immers in alle opzichten sterker en spreekt bovendien een breder doelpubliek aan.

DSC04633DSC04641DSC04640

Tonnerre De Zeus is een klinkende naam in de pretparkwereld. Deze in 1997 geopende CCI werd geruime tijd beschouwd als een van Europa’s allerbeste houten achtbanen. De statistieken liegen er niet om: hij is dertig meter hoog, de topsnelheid ligt op 85 kilometer per uur en vooral de lengte van ruim 1.200 meter is impressionant. Helaas kon ik tijdens mijn vorige bezoek concluderen dat Tonnerre z’n glorieperiode inmiddels ver achter ons ligt. Een woodie mag wel turbulent zijn, maar er zijn grenzen. Grenzen die Tonnerre De Zeus in mijn ogen ver overschreed. Wanneer we vandaag zien dat de wachttijd zowat anderhalf uur bedraagt, hoeft het voor mij dus eigenlijk niet. Steven en Nick houden wel vol en zitten rond parksluiting eindelijk in het karretje. Hun bedenkelijke reactie achteraf bewijst dat de staat van Tonnerre De Zeus tijdens de afgelopen jaren beslist niet gebeterd is.

DSC04625DSC04659DSC04663

Terwijl Steven en Nick de slakkentempo-rij van Tonnerre bedwingen, wagen Phaedra en ik opnieuw onze kans bij Menhir Express. De rij voor deze waterattractie is ondertussen aardig geslonken en schiet vlot op. Het lijkt er aanvankelijk op dat we na minder dan een halfuur mogen inschepen, maar plots gooit de techniek roet in het eten. Deze logflume gaat drie keer kort na elkaar in storing, waarop de personeelsleden besluiten dat Menhir Express onverbiddelijk dicht moet. Brute pech voor ons, al kunnen we (bij wijze van troostprijs) om 19h59 nog wel gewoon terecht bij het vlakbij gelegen Épidemaïs Croisières. En geloof het of niet: deze attractie blijkt exact hetgeen ik zalig vind na zo’n hectische pretparkdag. Dit is een rustige bootvaart langs (overwegend statische) scènes uit de wereld van Astérix en Obélix. Verwacht er geen wonderen van, maar Épidemaïs Croisières haalt je wel even weg uit de chaotische drukte van het park. En dat is meer dan welkom.

DSC04644DSC04654DSC04658

Nadat ons groepje herenigd is, nemen we stilaan afscheid van Parc Astérix. Het was een lange dag en de extreme bezoekersstroom bracht logischerwijs enkele nadelen met zich mee, maar toch stap ik met een heel voldaan gevoel het park buiten. Ik heb Parc Astérix altijd bij de betere themaparken van Europa gerekend en die status heeft men vandaag glansrijk bevestigd. Zulke drukke dagen zijn eigenlijk de beste momenten om een pretpark te beoordelen, want pas dan wordt duidelijk hoe geolied de machine eigenlijk loopt. En hoewel ik de ochtendlijke operations van La Trace du Hourra nog steeds onbegrijpelijk vind, zag ik nog maar zelden zoveel efficiëntie en gemotiveerde crewleden in een Europees park. Bij OzIris staat de trein bijvoorbeeld niet eens helemaal stil vooraleer het personeel alle gordeltjes losgeklikt heeft. En bij Goudurix probeerde men bezoekers op te zwepen door een wedstrijdje snelste dispatch-tijd van de dag te improviseren. Kortom… het personeel van Parc Astérix deed er echt alles aan om wachtrijen zo vlot mogelijk te laten opschieten. Zulke dingen maken me blij, zelfs wanneer ik zonet 75 minuten in de brandende zon stond te schuifelen. Ook het aanschuiven op zich is hier trouwens aangenamer ten opzichte van vele andere pretparken: wachtruimtes in Parc Astérix zijn meestal kronkelende paadjes en saaie zigzag-secties zijn er nagenoeg nergens. Begrijp me niet verkeerd… ik kom volgende keer graag opnieuw tijdens een uitgestorven moment in het laagseizoen, maar of deze drukte m’n dag verknald heeft? Geen enkele tel.

DSC04598DSC04655

Ik heb me lange tijd afgevraagd hoe een pretpark als Parc Astérix kan overleven in de omgeving van Parijs. Met de twee themaparken van Mickey Mouse achter de spreekwoordelijke hoek, zou je immers vermoeden dat zo’n kleinere speler het moeilijk heeft. Het tegendeel is waar, zo blijkt vandaag. Parc Astérix is immers ontzettend populair bij de locals en daar zijn goeie redenen voor. Er staat een B&M van Europees topniveau, men opende recent een schitterende familieachtbaan, fans van waterattracties worden op hun wenken bediend en het park presenteert een behoorlijk aantal shows. Dit alles werd bovendien met een subliem oog voor detail gethematiseerd. Kan dit park nog een topcoaster gebruiken? Natuurlijk. Zou een extra darkride mooi staan? Absoluut. Mag er nog een flatride gebouwd worden in de zuidelijke helft van het park? Sure, graag zelfs. Maar eigenlijk heb je ook in de huidige vorm al een heel compleet, volwassen themapark. Ik gok dus dat er vandaag dik 25.000 Fransmannen een heel mooie dag beleefd hebben. En dat geldt ook voor vier Belgen. Au revoir!

2 reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: