Phantasialand

Wie regelmatig een tripreport schrijft, weet dat het vaak verschrikkelijk lastig is om een introductie neer te pennen. ’t Gaat allemaal vlotjes wanneer die eerste woorden op papier staan, maar hoe moet je er gepast aan beginnen? Misschien met een nostalgische terugblik? Iets à la ‘Negen jaar was Glenn, toen nog een echt Glenneke, wanneer hij voor de eerste keer in Phantasialand kwam. Twee Schwarzkopf-klassiekers raasden nog door een immens bergmassief alsof ze nooit iets anders zouden doen, de poppetjes van het ‘Tanagra Theatre’ zongen uit volle borst en van het vreemde Wuze-volkje of zwarte slangen was er nog geen sprake’. Dat is best een leuke manier om van start te gaan, als je van clichés houdt tenminste. Nog zo’n stereotiepe inleiding: ‘Na twee lange uren autorijden, volgden we de afrit richting Brühl. Vol spanning staarde ik door het raampje, hopend op een glimp van al het moois dat me te wachten stond. En opeens verscheen hij daar: de middeleeuwse kasteeltoren van Mystery Castle’. Van deze laatste methode ben ik geen liefhebber, tenzij je richting ’s werelds coolste pretpark onderweg bent natuurlijk. En daar wringt het schoentje… want dit is en blijft ‘Phantasialand’. Nooit heb ik er een geheim van gemaakt dat dit allesbehalve m’n favoriete park is. Ik hoor de fanboys al snauwen waarom ik er dan in hemelsnaam heen ga. Twee goeie redenen, beste dames en heren. Eén: m’n Jahreskarte uit Rust nodigt me hier jaarlijks uit voor een gratis bezoekje. Twee: beeldmateriaal en commentaren over de nieuwigheid voor 2014 waren veelbelovend. Naast een kritisch oog, heb ik dus ook m’n gezonde verwachtingen bij wanneer ik hier op maandag achttien augustus met Michaël arriveer.

Geen clichés of dromerige ideaalbeelden in m’n intro, wél de eerlijke mening dat ‘Phantasialand’ me weinig doet. Het park bevestigt dat helaas reeds bij aankomst. Want geef toe: voor een dergelijk internationaal gericht themapark oogt het allemaal ietwat provisoir. We rijden voorbij aan bruine bakstenen (aan de andere kant van die muur wil het park ons later vandaag wijsmaken dat we naar Afrikaanse rotsen kijken… yeah right), parkeren de wagen op een ongemakkelijke helling en halen ons toegangskaartje in een onooglijk tentenkamp dat tevens dienst doet als ingang. Ik wil niet beweren dat men een ‘Huis Van de Vijf Zintuigen’ moet neerploffen – dat zou trouwens zowat de halve parkoppervlakte opslorpen – maar een iets grootsere entree zou in mijn ogen een aanzienlijke meerwaarde opleveren. Dus ‘Phantasialand’: annuleer effe die 4D-darkride, de gelanceerde achtbaan of whatever jullie binnenkort ook willen realiseren. In plaats daarvan investeer je gewoon een paar miljoen in enkele draaipoortjes en een fancy toegangsgebouw. Deal? Oké!

Waarom ‘Phantasialand’ ons verwelkomt onder een houten afdak uit de lokale doe-het-zelf-zaak, is me een mysterie. ’t Is bijgevolg misschien geen toeval dat de eerste zone door het leven gaat als ‘Mystery’. We komen aan zonder enig ceremonieel, snuiven geen sfeer op in een vrolijke hoofdstraat of op een gezellig pleintje. Neen, in plaats daarvan staan we ergens tussen twee gigantische kastelen en krijgen we deze simpele keuze: naar rechts of rechtdoor op de heuvel. Oei nee, wacht… Als we naar rechts lopen, belanden we al vlug in een doodlopend steegje en botsen we op tijdelijke schuttingen. Op de fundamenten van het voormalige westernstraatje verrijst momenteel een grote uitbreiding. Wat het wordt en hoe het eruit komt te zien? Dat weten voorlopig wellicht alleen enkele hooggeplaatste gelukkigen. Ik weet echter wel dat de bouwwerf geenszins bevorderlijk is voor de doorstroming. De hele site is namelijk afgesloten en we worden – tezamen met duizenden andere bezoekers – door het hoger gelegen Aziatische parkgedeelte geperst. Maar vooraleer we naar de oosterse sferen en de bakjes rijst en noedels gaan, zullen we misschien eerst effe checken wat ‘Mystery’ allemaal te bieden heeft.

Eerste nostalgische momentje van de dag: de plek van ‘Grand Canyon Bahn’ en ‘Gebirgsbahn’ aanschouwen. Die laatstgenoemde was ooit m’n eerste echt grote coaster en ik zou er veel geld voor geven om de ervaring nog ‘ns over te doen. Maar helaas: de beruchte brand van één mei 2001 herleidde dit stukje coastergeschiedenis naar de schroothoop, waarna ‘Phantasialand’ aan een langgerekte expansiemarathon startte. Waar ooit die voormalige Schwarzkopfs hun rondjes reden, staat inmiddels de burcht van River Quest. In de recente geschiedenis van het park is deze rapid river een van de weinige attracties die met gemengde appreciatie onthaald werd. Ondanks de pogingen om de gigantische blok beton van een middeleeuwse facade te voorzien, is het thematisch immers een van de minst geslaagde toppers. Desondanks sta je hier quasi steeds lang aan te schuiven: ook vandaag klokt ‘River Quest’ bijvoorbeeld af op een stevige 75 minuten. Op de momenten dat ie geopend is althans. De ride kampt in de namiddag namelijk langdurig met technische problemen en op het moment dat hij heropent, schiet de wachttijd alweer pijlsnel omhoog. Geen probleem of gemis voor ons. Hoewel het midden augustus is, geeft de kille bries ons beiden sowieso geen zin in het kletsnatte pak waar ‘River Quest’ haar inzittenden mogelijkerwijs op trakteert.

Meer kastelen en zeventig minuten minder wachttijd aan de overzijde, waar een imposante ophaalbrug de toegang tot Mystery Castle vormt. Dit vijftien jaar oude Intamin-fabrikaat toont perfect waar ‘Phantasialand’ toe in staat is. Denk aan een standaard attractie, ontwikkel een manier waardoor de gevoelige buurtbewoners geen reden tot klagen hebben en kijk: die alledaagse ride is opeens niet zo alledaags meer. Het park paste dit trucje bij zowat elke recent geopende nieuwigheid toe en het levert verrassende resultaten op. Zo ook bij deze shot ‘n’ drop die langs de wanden van een duistere toren zestig meter omhoog gekatapulteerd wordt. De effectjes zijn niet subliem en de Duitstalige dreigementen komen stiekem eerder fout over, maar toch besef ik geen moment dat dit simpelweg een XXL frog hopper is. Hoewel ik geen liefhebber van het attractietype ben, is ‘Mystery Castle’ dankzij haar grootse entourage dus een bijzonder fijne attractie. De eerste goeie punten zijn binnen, hoera!

Het opgebouwde krediet van pluspunten wordt helaas al vlug verspeeld wanneer we plaatsnemen in een van de twee darkrides die het Chinese themagebied rijk is. Dat zijn ‘Feng Ju Palace’ en ‘Geister Rikscha’, respectievelijk een Vekoma madhouse en een klassieke darkride met doombuggies. Nummer één doet het met een twijfelachtige verhaallijn en een bizar happy end, maar haalt nog enkele welverdiende pluspunten uit haar wondermooie exterieur en een dito soundtrack. Bij nummer twee is de sfeervolle wachtruimte helaas het enige positieve dat ik over m’n lippen krijg. ‘Geister Rikscha’ doet me met haar gedateerde decors en de bizar slechte animatronics namelijk vurig verlangen naar de uitgang. De verrassend lange ritduur beschouw ik voor één keer dus niet als een positieve eigenschap. Het zo goed als waardeloze Aziatische attractie-arsenaal wordt tijdens onze lunch gelukkig gecompenseerd door culinair genot. We nemen plaats op het terras van restaurant Mandschu, waar we razendsnel van een lekker middagmaal voorzien worden. We hebben een beetje pech met de onvriendelijke ober, maar verder blijft dit een pretparkrestaurant comme il faut. Je eet hier à-la-carte in een prachtig kader, de gerechten zijn lekker en we zijn bovendien geen fortuinen kwijt. Even geen zin in typische braadworsten en frieten, terwijl je zowat moet vechten om een krakkemikkige houten bank te bemachtigen? Dan is ‘Mandschu’ het rustgevende alternatief waar je naar zoekt.

Ooit al gehoord van de ‘Smokey Mountain’? En neen, ik heb het niet over een natuurpark in Noord-Amerika, maar wel over een berg in ‘Phantasialand’. Althans: een berg die ooit in ‘Phantasialand’ stond. Met enige verbeelding kon je er een indianenhoofd in zien en om de zoveel tijd was het in een mysterieuze nevel gehuld. Over de esthetische waarde van de ‘Smokey Mountain’ viel te twisten, maar het was in die tijd wel een ijzersterk herkenningspunt. Iconisch genoeg om de woeste sloopdrang van ‘Phantasialand’ te overleven, bleek ie echter niet. Enkele jaren geleden ging het ding dus tegen de vlakte. De attractie waar het symbool voor stond, bleef gelukkig gespaard. Meer zelfs: Colorado Adventure kreeg recent een grondige schilderbeurt en oogt met z’n donkergroene kleurstelling een stuk frisser dan voorheen. Qua track dan toch, want na al die jaren blijft het thematisch gezien een rommelige belevenis. Vooral het eerste gedeelte, dat grotendeels in een half verduisterde fabriekshal plaatsvindt, kan me maar moeilijk overtuigen. Daarna wordt de totaalervaring beter, al blijft ‘Colorado Adventure’ mijlenver achter op z’n concurrent uit de Disney-stal. Ook qua rit trouwens, al weet ik dat die mening wellicht bij vele Phans in het verkeerde keelgat schiet. Ik hou niet van de vreemd uitgebalanceerde g-krachten (wellicht veroorzaakt door een te lange trein op een track met te nauwe bochten) en van het feit dat ‘Colorado Adventure’ me meer dan eens op de schoot van m’n buurman probeert te duwen. De vreselijke ligging van de wachtruimte – ik voel mezelf hier steeds in een afgelegen stuk van de backstage – benadrukt nog maar ‘ns dat deze coaster haar grote potentieel slechts heel matig benut. Jammer.

Pretparkland stond in rep en roer toen ‘Phantasialand’ zowat negen jaar geleden aan haar nieuwigheid voor 2006 bouwde. In dat jaar opende namelijk de tweede Duitse B&M en tegelijkertijd kreeg de Benelux eindelijk zo’n mythisch stuk Zwitsers achtbaangenot op een steenworp van de grens. Daarenboven werd al snel duidelijk dat Black Mamba veel meer zou betekenen dan een simpele standaardbaan op een betonnen grondplaat. ‘Phantasialand’ groef zich te pletter en bouwde haar pronkstuk zo diep in de grond dat we eigenlijk enkel de eerste helling en enkele inversies zien opdoemen wanneer we in themazone ‘Deep in Africa’ arriveren. ‘Black Mamba’ is een van de best geïntegreerde coasters van Europa en nergens vraag ik mezelf af waarom er zo’n zwarte berg staal door het Afrikaanse dorpje slingert. Integendeel: ik wil zo snel mogelijk ín een van de treintjes plaatsnemen om de bevestiging te krijgen dat ‘Black Mamba’ het betere werk levert. Een doodgewone dispatch geeft me hier trouwens al kippenvel: in het sfeervolle station weerklinkt er immers opzwepende muziek telkens er een trein richting lifthill gestuurd wordt. Daarna volgt een rit waarin intensiteit en kracht twee van de kernbegrippen zijn. De vele near-misses en tunnels geven de indruk dat je aan een hels tempo door de baan scheurt, terwijl tachtig kilometer per uur nochtans een allesbehalve astronomische snelheid is. De lichte trilling die ik sinds dit bezoek opmerk, trekt het immense fungehalte gelukkig niet naar beneden. Is er dan ook iets negatiefs over ‘Black Mamba’ te zeggen? Jazeker: de plastieken botjes aan de top van de lifthill zijn naast politiek totaal incorrect ook nog ‘ns afschuwelijk lelijk. Dus please ‘Phantasialand’, pak dat probleem aan, camoufleer tevens de zwarte golfplaten daarboven en maak ‘Black Mamba’ op die manier nog iets perfecter dan hij al is.

Je kan attracties fijn thematiseren en je kan attracties briljant thematiseren, maar je kan ook overdrijven. Dat laatste gebeurde – weliswaar in de best mogelijke betekenis van het woord overdreven – met Talocan. ’t Is absurd hoe veel moeite men in deze simpele topspin stak, maar het resultaat mag er zijn. ‘Talocan’ bouwt met haar vuur- en watereffecten, de knappe soundtrack en de ronduit grootse overkapping (alias geluidswerende muur) een visueel feest voor de toeschouwers. Verder dan dat kom ik vandaag trouwens niet. Dergelijke maagomdraaiende flatrides zijn mijn ding niet en dat zullen ze wellicht nooit worden. Daar kan zelfs de overheerlijke thematische saus waarmee ‘Phantasialand’ het geheel overgoot niks aan veranderen.

We aanschouwen ‘Talocan’ van op een gloednieuw uitkijkpunt in een gloednieuwe rotsformatie die onderdeel uitmaakt van een gloednieuwe attractie. We hebben er bijna een jaar langer op moeten wachten dan vooraf gepland was, maar intussen is Chiapas eindelijk open voor het grote publiek. Deze langverwachte waterattractie vervangt op z’n eentje de twee voormalige log flumes en voor het oog is dat alvast een hele vooruitgang. De nogal chaotische aanblik van ‘Stonewash Creek’ en ‘Wildwash Creek’ maakte plaats voor een schattig Mexicaans dorp dat tegen de bergflank aangebouwd werd. Het geheel wordt bovendien netjes aangevuld door schilderachtige geveltjes die vele jaren verborgen zaten achter het intussen afgebroken monorail-station. Allemaal heel mooi, maar toch zijn het vooral de talrijke, bijzonder indrukwekkend aangelegde watervallen en een imposante brug die met de aandacht gaan lopen. Die klaterende watervallen – het zijn er echt héél veel – geven de zone rond ‘Chiapas’ een nauwelijks te beschrijven levendigheid, terwijl die brug naast het esthetische aspect ook structureel voor pluspunten zorgt. Het padennetwerk van ‘Phantasialand’ werd dankzij deze nieuwe doorgang immers net dat beetje minder gecompliceerd, waarvoor mijn hartelijke dank. Ik ben dus al laaiend enthousiast nog voor we één stap in de wachtrij gezet hebben; dat belooft!

We moeten vandaag niet langer dan een halfuur aanschuiven voor ‘Chiapas’, maar dat is alsnog genoeg om zowat de hele wachtruimte te vullen. Die is – zonder daar overdreven lyrisch over te zijn – leuk aangepakt. Tijdens het eerste gedeelte hebben we een knap uitzicht op de final drop en de stevige rotsformaties, waarna we in een origineel aangepakte variant van de klassieke zigzag-wachtrij richting station schuifelen. Net vóór die meandering is het pad tijdelijk onbegrijpelijk breed en wordt het lastig om een tienerbende achter ons in bedwang te houden. Gelukkig is dit zowat het enige minpunt, want verder is het een aangename wachtruimte waarin vooral de vrolijke klanken van een door IMAscore gecomponeerde soundtrack opvallend aanwezig zijn. Dankzij een doordachte splitsing en de implementatie van het ‘single riders’-gegeven slaagt ‘Phantasialand’ er bovendien met gemak in om alle zitplaatsen in no-time maximaal te benutten.

Wanneer we het station uit varen, beginnen we aan zes minuten pretparkperfectie. Ik beoordeel ‘Phantasialand’ vaak met een kritische blik, maar hier valt gewoonweg heel weinig op aan te merken. De opbouw van de baan is subliem: rustige vaargedeelten, goeie drops en verrassende invertoren wisselen elkaar met de nodige regelmaat af. De doodse passages waar je in de beide voorgangers mee te maken kreeg, filterde ‘Chiapas’ dus doeltreffend weg. Dat het thema voor negentig procent uit rotsen en – jazeker, je raadt het al – watervallen bestaat, stoort me eigenlijk niet. De overige tien procent wordt voornamelijk ingevuld door Mexicaanse beeldjes (die ons al dan niet met een straal water belagen) en de veelbesproken, kleurrijke scène rond ‘Día de los Muertos’. De disco, zoals dit opzwepende ritgedeelte vaak lacherig genoemd wordt, had me op YouTube reeds m’n wenkbrauwen doen fronsen. Maar in realiteit werkt het verrassend genoeg best goed. Ik kan dus niet concluderen of het aan de laserstralen, de glitterbol, de waterpartijen of aan de ijzersterke laatste afdaling ligt, maar ik weet wel dat ‘Chiapas’ een van ’s werelds beste log flumes is. Het niveau van de qua storytelling veel verder uitgewerkte ‘Splash Mountain’ haalt ie misschien niet. Maar als we Disney even buiten beschouwing laten, steekt ‘Phantasialand’ hier een subtiele middelvinger uit naar zowat elk ander pretpark. Kijk, zo bouw je vandaag de dag dus een boomstammenbaan.


Trap op, trap af. Zo eenvoudig is het om van het zuiderse Mexico naar het protserige ‘Alt Berlin’ te reizen. Het gigantische hoofdplein van deze zone werd enkele jaren geleden volledig heraangelegd. En hoewel het geen slechte zaak was om de miniatuurversie van de ‘Brandenburger Tor’ en enkele misplaatste kermisattracties te verwijderen, kan de huidige aanblik me niet overtuigen. Meer dan enkele waterpartijen en een simpele zweefmolen gebruikte ‘Phantasialand’ niet om de enorme oppervlakte te breken, waardoor het geheel een nogal kale en doodse indruk geeft. Gelukkig treffen we achter één van de geveltjes de taartenfabriek van Maus au Chocolat aan. Deze in 2011 geopende darkride is het Europese antwoord op het succesverhaal van Disney’s ‘Toy Story Midway Mania’. Het principe is dus eenvoudig: we zitten rug aan rug met onze medepassagiers, zetten een 3D-bril op de neus, rijden en draaien vrolijk door de decors en we schieten naar hartenlust op alles wat er in de virtuele wereld beweegt. ‘Phantasialand’ zou zichzelf niet zijn als het geen originele toets aan dit concept gaf. Volgens het achterliggende verhaal wordt deze taartenfabriek immers belaagd door een enorme muizenkolonie. Wij, de gasten, moeten deze muizen verjagen door ze te bekogelen met chocolade. Dat klinkt inderdaad erg fijn en puur qua thema is ‘Maus au Chocolat’ ook een stuk coherenter dan ‘Toy Story Mania’. Vooral voor de decors tussen de verschillende virtuele passages verdient het park een pluim. Toch zijn de originele versies in Anaheim, Orlando en Tokio in mijn ogen nog steeds een stuk amusanter dan deze Duitse kopie en dat ligt voornamelijk aan de variatie. Disney laat je immers telkens een andere game spelen, terwijl ‘Maus au Chocolat’ altijd opnieuw hetzelfde principe bovenhaalt. En hoewel zo’n muizenjacht de eerste twee keren nog best tof is, wordt het tijdens de daarop volgende scènes toch best een saai en vermoeiend boeltje. ‘Maus au Chocolat’ levert dus het bewijs dat hoogstaand thema helaas niet noodzakelijk garant staat voor een ijzersterke ervaring.

De hoofdstraat van ‘Alt Berlin’ fungeerde ooit als een grootse inkomzone, maar vormt tegenwoordig nog slechts voor een handvol bezoekers de eerste indruk. Dat is jammer, want de gevels rond deze boulevard ogen realistisch en er is bovendien wel wat leuks te beleven. Zo staat hier een indrukwekkende draaimolen en blijkt ‘Hotel Tartüff’ een knappe variant op het klassieke funhouse. Vreemd genoeg staan we voor dit scheefgetrokken en omgekeerde huis in de namiddag bijna een halfuur in de rij. Deze moderne cakewalk is dus razend populair en dat in tegenstelling tot z’n overbuur. Illusionist Christian Farla speelde z’n show ‘Sieben’ namelijk voor een halflege ‘Wintergarten’ en da’s jammer. Hij rijgt de ene onbegrijpelijke truc aan de andere en bovendien zou de lachwekkende Duitse spraak van deze Nederlander op zich al een goeie reden moeten zijn om ‘Sieben’ als een dikke vette must-do te omcirkelen in je agenda. Hi-la-risch halfuurtje!

Via een lelijke, veranda-achtige passage ruilen we ‘Alt Berlin’ in voor ‘Fantasy’, de zesde en laatste Themenwelt die we van ‘Phantasialand’ tegoed hebben. De basis voor deze zone werd in 2002 gelegd met de opening van het imposante ‘Wuze Town’, maar een decennium later is de hele omgeving opgekalefaterd in hetzelfde dromerige sfeertje. Of nee, wacht: ik lieg. De onmiddellijke buurman – een afschuwelijke stalen doos waarin twee bejaarde attracties verscholen zitten – ontsiert het plaatje op een nogal onsubtiele wijze. Voor het absolute dieptepunt van de Europese darkride-catalogus moeten we ergens in een verlaten uithoek bijvoorbeeld naar Hollywood Tour zoeken. Deze op filmscènes gebaseerde bootvaart is in ‘Fantasy’ al even ongepast als een rondrit langs dinosauriërs in een Frans themagebied. Maar waar ‘Europa-Park’ met ‘Universum der Energie’ een nog relatief aanvaardbare darkride neerzette, levert ‘Hollywood Tour’ me steeds weer plaatsvervangende schaamte op. Men had het misbaksel al jaren geleden definitief moeten sluiten, maar ‘Phantasialand’ lijkt te willen wachten tot het ding vanzelf uit elkaar brokkelt. Als we de huidige staat in acht nemen, zal dat met een beetje geluk trouwens niet al te lang meer duren.

Met de bovenbuurman van ‘Hollywood Tour’ heeft ‘Phantasialand’ het geschikte antwoord op gedateerde decors ontwikkelt. Want – zo redeneert men in Brühl – als we géén thema creëren, kan het ook niet gedateerd raken. Onder dit motto werd een naar ruimtevaart gethematiseerde indoor coaster ruim tien jaar geleden omgebouwd naar Temple of the Night Hawk. Aanvankelijk verwees een projectie tijdens de rit nog naar de achterliggende gedachte, maar intussen is er geen Temple of Hawk meer te spotten. ‘Night of the Night Night’ is vandaag dus een eindeloos lange achtbaan die omwille van haar complete duisternis saaier dan saai overkomt. Wat ie nodig heeft om opnieuw interessant te worden? Ontzettend veel thema of een stevige sloopkogel. Mijn voorkeur gaat naar die laatste optie.

Als ik de regelrechte teleurstelling van ‘Wakobato’ nu aanhaal, zou je kunnen vermoeden dat ‘Fantasy’ een waardeloos gebied is. Maar niets is minder waar, want ’t ziet er allemaal best cute uit aan de oevers van het meer en de centrale hal van ‘Wuze Town’ blijft een van de mooiste dingen die ‘Phantasialand’ ooit overkwam. Dankzij de dromerige setting en de knap geïntegreerde tracks van Winja’s Fear & Force is de sfeer ronduit heerlijk. ’t Is bovendien een plezier om te merken dat het park ons niet meer verplicht om één euro te spenderen aan een locker wanneer we hier willen coasteren. Het beleid is gewijzigd en tassen van beperkte omvang worden tegenwoordig toegelaten. Goeie evolutie, ‘Phantasialand’. Nog meer positieve veranderingen in de wachtruimte. Want hoewel het een claustrofobisch, veel te warm hok blijft, ben ik ten zeerste te spreken over de samenvoeging van beide rijen. We lijken een stuk vlotter op te schieten en kiezen pas last-minute voor ‘Winja’s Fear’, de baan die in mijn ogen net iets pittiger en completer aanvoelt. Dat heeft ie vooral te danken aan een extra heuvel na de first drop en aan de verticale bocht halverwege. Toch is er ook met ‘Winja’s Force’ beslist niks mis. Maurer zette namelijk twee soepel lopende coasters met verrassende elementen neer. Dankzij het bijzondere ritverloop en de unieke setting ligt de herhalingswaarde van dit knappe achtbanenduo erg hoog, al zijn de doorgaans lange wachttijden een serieuze contra. Ik heb overigens de indruk dat de ‘Winja’s’ een hogere capaciteit zouden kunnen bereiken dan ze momenteel halen, maar misschien steken al die technische snufjes daar wel een stokje voor. Vroeg arriveren, laat blijven of gewoon bedenken dat dit een attractie is waar je gerust een uurtje voor wil aanschuiven, is dus de boodschap.

‘Phantasialand’ blijft ondanks de geringe drukte een uur langer open dan voorzien. Dat resulteert in een bescheiden vreugdedansje, een bisnummertje ‘Chiapas’ en een intens afscheidsrondje op ‘Black Mamba’. Het is uiteindelijk al zeven uur wanneer we door de kelders van ‘Alt Berlin’ opnieuw richting autosnelweg rijden. Doen we dat euforisch of teleurgesteld? Net zoals vanochtend, heb ik daar nog steeds geen sluitend antwoord op. Ik weet namelijk niet hoe ik ‘Phantasialand’ eigenlijk moet vatten. Ik mis een bepaalde vorm van structuur, een soort van coherente overkoepelende visie. In z’n huidige versie is ‘Phantasialand’ namelijk een park vol contrasten. Het contrast tussen de uitgestrekte (sfeerloze) vlakte van ‘Alt Berlin’ en de claustrofobische wandelroutes in de Afrikaanse en Mexicaanse themazone bijvoorbeeld. Of het hardnekkige gemis aan beplanting in quasi het ganse park, terwijl er in het groene gebied rond ‘Wakobato’ dan weer geen *tuuut* te beleven is.

 

De zwakte van ‘Phantasialand’ zit voor mij dus duidelijk ergens in de thematische aanpak. Hoewel de recente herindeling van de gebieden een duidelijke stap voorwaarts was, blijft het totaalplaatje namelijk vrij chaotisch. ’t Lijkt me voornamelijk te liggen aan heel grootse plannen op heel weinig ruimte. Daardoor was ‘Phantasialand’ genoodzaakt om Mexicaanse watervallen rechtstreeks naast een Afrikaanse B&M te bouwen en moet het dromerige ‘Wuze Town’ quasi letterlijk tegen een afschuwelijke stalen fabrieksloods leunen. Da’s jammer, want puur qua attracties doet ‘Phantasialand’ het tegenwoordig bijzonder goed. Met rides als ‘Winja’s Fear & Force’, ‘Black Mamba’, ‘Talocan’ en ‘Chiapas’ zette het park hoog in op kwaliteit en totaalbeleving. Het zijn stuk voor stuk vrij alledaagse concepten, maar dankzij hun originele invalshoek en de sterk doorgevoerde thema’s spelen ze op Europees topniveau. Helaas krijg je ook op dit vlak met contrasten te maken. Tussen al dit moois ligt immers nog steeds waardeloze rommel à la ‘Race for Atlantis’, ‘Geister Rikscha’ en de rides in het voormalige ‘Space Center’. Ik heb er gelukkig alle vertrouwen in dat ‘Phantasialand’ haar expansiefase nog niet beëindigd heeft en dat deze rides vroeg of laat de sloophamer zullen zien. Bovendien komt er – als de huidige tendens gevolgd wordt – beslist een topper voor terug en zo kan men binnen de huidige parkgrenzen nog heel wat meerwaarde creëren. Tot het moment dat de volledige oppervlakte up-to-date is, blijf ik dus hoopvol naar de ontwikkelingen in Brühl kijken. Maar als men ooit hoger in mijn ranking wil klimmen dan de nietszeggende middenmoot, moet er gewoonweg nog heel veel gebeuren. Ik ben benieuwd!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s