Casino’s, Canyons & Coasters – Disneyland Anaheim

Vanaf je eerste letter voorspelbaar worden, het is de nachtmerrie van elk schrijver. Daarom ditmaal geen clichématige routebeschrijving of het nog ergere ‘Opeens zag ik tussen de bomen…’. Neen hoor, we beginnen eraan met een experimentje dat u lekker thuis kan uitvoeren. De benodigdheden hiervoor zijn:

• Een dorp met minstens honderd inwoners (1)
• Een huis (2)
• Koffie en koekjes (3)
• Een deur (4)

Nodig een honderdtal dorpsgenoten (1) uit om gezellig op de koffie te komen bij jou thuis (2). De meesten onder ons zullen noch de ruimte, noch de hoeveelheid koffie hebben om zoveel gasten te ontvangen. Gelukkig zal ons experiment je aantal gasten meteen flink uitdunnen. Het principe is eenvoudig: jij stelt een vraag en wie correct antwoordt, drinkt koffie op jouw kosten. Wie fout antwoordt, vliegt echter onherroepelijk de deur (4) uit. En de quizvraag van vandaag is: ’Waar ligt het originele Disneyland?’

Er van uit gaande dat ‘Amerika’ niet specifiek genoeg is als antwoord, zal je wellicht met liters koffie blijven zitten. Een aanzienlijk percentage zal ‘Parijs’ antwoorden omdat ze daar vorig jaar gezellig heen gereden zijn met de Oad-bus. Een andere groep (die ook best groot is) denkt het beter te weten door ‘Florida’ te antwoorden en een enkele hatelijke betweter vult aan met ‘Dat heet niet Disneyland, maar Disney World!’. Nadat je ook deze sukkel de deur hebt gewezen met een rake ‘Officieel heet dat Walt Disney World Resort’, zal je huis bedroevend leeg zijn. Tijd om neer te zitten met een kopje (of een emmer) koffie en te beseffen dat zowat niemand weet waar Walt Disney z’n themapark-imperium opstartte. Je verklapt dan maar het juiste antwoord en zegt vol overgave ‘Anaheim’. En dat is het moment waarop verscheidene gezichten je verbaasd aanstaren en roepen ‘Huh? In Duitsland?!’.

Echt exotisch klinkt het inderdaad niet, maar met miljoenenstad Los Angeles op een steenworp afstand weet je dat de zon hier quasi het ganse jaar overuren doet. Da’s mooi meegenomen voor de miljoenen toeristen die jaarlijks door de poorten van het Disneyland Resort wandelen, maar balen voor de maatpakkendragers die een beetje verder in hun vergaderlokaal zitten. Want ook zakenlui houden halt in Anaheim. Ze doen dit doorgaans niet voor een ritje ‘Space Mountain’ of voor een foto met Cinderella, maar wel voor het ‘Anaheim Convention Center’. En net naast de deur van dit gigantische zalencomplex zouden wij acht nachten gaan verblijven in het Hilton Hotel.

Dit zakenhotel mag zich dan wel voornamelijk richten op stijlvolle dames in een mantelpakje en heren met een keurig geknoopte das; het trok tijdens Spring Break een heel ander cliënteel aan. Koelbox-gezinnen en pubers met Mickey-oortjes hadden namelijk het hotel bezet. Al moet ik er eerlijk in zijn: wanneer je zelf extra betaalt voor een hotelkamer met Disney View, ga je niet vrijuit en hoor je eigenlijk niet te klagen over dergelijke taferelen.

https://i1.wp.com/imagizer.imageshack.us/a/img903/5117/3uHXzw.jpg

Maar goed: Disneyland. Heeft dit resort eigenlijk nog introductie nodig? Zowat iedereen kent het verhaal van Walt die eenzaam op een bankje moest wachten terwijl z’n dochters plezier hadden en ook het jaar 1955 behoort inmiddels tot het collectieve geheugen. Tot zover de twee feiten die verplicht vernoemd moeten worden in elk report over Disneyland Anaheim, maar hier houdt de historische bloemlezing op. We leven tenslotte vandaag en niet zestig jaar geleden. ‘Vandaag’ is overigens 8 april 2012, ook wel Pasen genoemd. Er van uit gaande dat de überkatholieke Amerikaan vandaag liever aanschuift voor de kerk dan voor een Disney-ride, profiteren we er maar meteen voluit van. Het is namelijk nog maar tien over zeven wanneer we de zonsopgang beleven in Disneyland. Het park heeft tijdens Spring Break sowieso XXL-openingsuren van acht uur ’s ochtends tot middernacht. Dankzij onze vierdaagse Hopper kunnen we bovendien eenmalig genieten van de ‘Magic Mornings’ die nog een uurtje vroeger plaatsvinden.


Ja, dat zie je wel degelijk goed: tien over zeven ’s ochtends. Je bent een pretparkliefhebber of je bent ’t niet.

Wereldwijd is er geen enkele pretparkengroep die ooit de perfectie van Disney heeft kunnen evenaren. Net daarom leg je de lat automatisch torenhoog wanneer je een Disneypark bezoekt. Deze knop moet echter bijgesteld worden in Anaheim, want dit bijna zestig jaar oude park bewaarde vele van haar toenmalige eyecatchers. Vooral in Main Street USA voel je deze nostalgische sfeer en bijgevolg durf ik Disney het gebrek aan overmatige detaillering best vergeven. Als ik eveneens een oogje dicht knijp voor het grauwe asfalt, is er dus relatief weinig op aan te merken. Neem trouwens zeker een kijkje bij ‘The Disney Gallery’, een museum dat de geschiedenis van het park schetst aan de hand van tientallen maquettes en concept arts. De gemiddelde liefhebber van Disneyparken brengt hier dus graag een momentje door, maar laat je vooral niet verleiden om het aanpalende theater te betreden. Vier jaar geleden speelde hier nog een uiterst boeiende filmvoorstelling rond het ontstaan van Disneyland, maar die werd intussen afgevoerd ten voordele van een patriottistisch onderonsje met president Lincoln in de hoofdrol. Tenzij ‘The American Adventure’ en ‘Hall of Presidents’ je een natte plek bezorgden in Florida, blijf je hier dus beter buiten…

Toen ik in Disneyland Paris een dagje meedraaide in het team van Guestflow, merkte ik pas hoe dom een doorsnee toerist vaak is. Een Spanjaard die je midden op Central Plaza de weg vraagt naar ‘Castillo… Sjaatoo?’ wil je namelijk liefst vierkant uitlachen. Wanneer Anaheims Guestflow-afdeling deze vraag krijgt, reikt men je echter een vergrootglas aan en zegt men ‘Het staat er wel degelijk, je moet gewoon goed kijken’. En inderdaad: net boven de hoofden van de bezoekers zie je een roze torentje. Maar goed, nu zonder overdrijven: Sleeping Beauty Castle is werkelijk piepklein. En hoewel het de sprookjesachtige blikvanger van Marne-la-Vallée uiteraard niet kan evenaren, komt dit schattige optrekje wel een stuk beter tot z’n recht dan de betonnen blokkendoos in Walt Disney World.

Tijd voor wat actie? Ik vind alleszins van wel (er mag na 965 woorden inderdaad stilaan iets gaan gebeuren). De ‘Magic Mornings’ geven je exclusieve toegang tot Fantasyland en Tomorrowland, de twee zones die doorgaans het drukst bezocht zijn. Wij trekken de blauwgrijs getinte wereld van morgen in en reppen ons naar Space Mountain. Het exterieur en de wachtruimte van deze klassieker stralen hetzelfde retrosfeertje uit dat je in heel Tomorrowland ervaart. Van zodra je het gebouw betreedt, slaat de sfeer gelukkig om in een clichématige, doch uiterst sfeervolle uitbeelding van een ruimtebasis. Dankzij het – komt ie – buitenaards snel werkende personeel begon onze missie binnen no time. Hoewel Disney deze attractie in 2005 quasi vanaf nul opnieuw opbouwde, krijg je nog steeds een achtbaan in haar meest pure vorm voorgeschoteld. Vergeet lanceringen en inversies, verwacht geen speciale elementen of extreme effecten. Spanning opbouwen doet ‘Space Mountain’ dankzij haar mysterieuze soundtrack en driedelige lifthill echter als geen ander. Na een stevige countdown stort je treintje zich vervolgens in een schijnbaar eindeloos durende opeenvolging van kleine afdalingen en uiterst amusant bochtenwerk. Net wanneer je dacht de eindremmen bereikt te hebben, buigt de trein zich steeds weer in een krachtige bocht. ‘Space Mountain’ verraste me in 2008 al met deze ultieme opbouw naar een meer dan geslaagde finale, en deed dat nu moeiteloos opnieuw. De gezichten van alle arrivals verraden dan ook dezelfde emotie: we beseffen het nauwelijks, maar dit was een achtbaan van wereldklasse!

Wie zich volledig baseert op het visuele, zal ons Europese Discoveryland zonder twijfel hoger inschatten dan Tomorrowland. Dit kille allegaartje van oude en moderne elementen oogt met momenten immers weinig attractief. Vooral het gedeelte waar ‘Autopia’, ‘Disneyland Monorail’ en de buiten gebruik zijnde ‘People Mover’ een grijze spaghetti van track vormen, is het Disneylabel eigenlijk niet waard. Toch is ‘Autopia’ minstens even fijn als z’n Europese broertje en hoort de monorail bij Disneyland Anaheim zoals de Afrikaanse Eiffeltoren-sleutelhangerverkopers bij Disneyland Paris. Nog meer gelijkenissen: ‘Astro Orbiter’ en ‘Buzz Lightyear Astro Blaster’ lijken een vrijwel exacte ‘Ctrl C + Ctrl V’ ondergaan te hebben, maar doen het in Anaheim dan zonder de absurd lange wachttijden die wij gewend zijn. Zelfs op de drukste momenten moest je voor een rondje ‘Buzz’ niet langer dan twintig minuten aanschuiven. Droom er als Europeaan maar ‘ns van!

Ook Star Tours is in Anaheim te vinden, zij het op een prominentere plaats nabij Central Plaza. Voor wie het afgelopen jaar op Mars doorgebracht heeft, herhaal ik even dat Disney de versies in Californië en Florida recent verwend heeft met een stevige update. Da’s meteen ook de enige reden waarom ik deze relatief nietszeggende attractie nogmaals bezocht heb. Dat wel meer bezoekers zo redeneerden, bewezen de hoge wachttijden en het vroege uur waarop de Fastpasses uitgeput raakten. Wat is er dan eigenlijk veranderd? Tot het moment waarop je neerzit in de simulator merk je relatief weinig vernieuwing (tenzij een blits logo je al in zevende hemel brengt, natuurlijk). De rit zelf is dankzij haar 3D-brilletjes en tientallen mogelijke missies echter hét grote nieuws. En ik moet toegeven dat deze update de attractie goed gedaan heeft. Het driedimensionale voegt heel wat aan de belevenis toe en het moet fijn zijn om steeds een ander scenario te krijgen. Onze ontbrekende interesse in simulatoren weerhield ons echter van een tweede ritje. Ik deel de euforische commentaren op ‘Star Tours 2’ dus niet, al is dat vooral te wijten aan m’n persoonlijke smaak. Wie liefhebber is van ‘Star Wars’ of ‘Star Tours’ zal hier na een ritje hoogstwaarschijnlijk duimen en vingers aflikken.

Het is voorlopig nog niet opgevallen, maar Disneyland Resort pakt uit met heel wat attracties die (nog) niet naar andere parken geëxporteerd werden. Eentje daarvan is Finding Nemo Submarine Voyage, een ride die na bijna tien jaar stilstand nieuw leven ingeblazen werd met de gelijknamige Pixar-kaskraker als centraal thema. We kunnen er in Europa over meepraten dat een attractie rond ‘Finding Nemo’ steevast garant staat voor ellenlange wachttijden. Da’s niet anders in Anaheim, waar deze ‘Submarine Voyage’ sinds 2007 bij de absolute publieksfavorieten gerekend mag worden. Meer dan terecht overigens. Dit is zo’n attractie die op voorhand zo weinig van haar geheimen prijs geeft dat je bij voorbaat geen al te hoge verwachtingen koestert. Na het instappen begint echter een kleurrijk onderwateravontuur met een meer dan geslaagde sfeerschepping. De combinatie van reële en virtuele decorstukken creëert een originele en geloofwaardige uitwerking van het – weliswaar vrij simpele – verhaal. Aangezien zowat elk personage uit de film passend in het attractieverloop geïntegreerd werd en de rit een heel stuk langer duurt dan je aanvankelijk verwacht, is dit zo’n typische attractie die enkel Disney maken kan.

Je moet de straat maar oversteken om van een topper naar een regelrechte domper te gaan: ‘Matterhorn Bobsleds’. Niet omdat deze in 1959 geopende coaster slecht is, wel omdat de Zwitserse berg momenteel maandenlang in de stellingen staat. Hoewel het zonde is dat ik deze fijne coaster niet nogmaals kon beleven, was het vooral balen voor Nick. Een dergelijk legendarische achtbaan zien zonder er twee waardevolle credits op te kunnen scoren, is… tja… *drieletterwoord*

Dankzij ‘Matterhorn Bobsleds’ zijn we in Fantasyland beland, waar je letterlijk de ene darkride naast de andere vindt. Ik denk maar aan ‘Peter Pans Flight’, ‘Snow White’s Scary Adventures’ of ‘Pinocchio’s Daring Journey’, die je allen 8500 kilometer dichter bij huis in quasi identieke vorm kan beleven. Anaheim kreeg in het rijtje van kleinschalige darkrides nog twee extraatjes: het geschifte ‘Mr Toad’s Wild Ride’ en het smakeloos door Blackpool gekopieerde ‘Alice in Wonderland’. Beiden hebben ze geen wow-factor om U tegen te zeggen, al ligt het fungehalte uitermate hoog. Minstens even fijn is ‘Storybook Land’, de primitieve versie van het gelijknamige gebied in ons eigen Disneyland Park. Zoals je merkt, bestaat Fantasyland dus voornamelijk uit kleine rides die hun populariteit oogsten bij de jongste bezoekers.

‘Matterhorn Bobsleds’ buiten beschouwing gelaten, is er hier dus maar één attractie die ietwat grotere proporties aanneemt: It’s a Small World. Na haar première op de wereldtentoonstelling van New York in 1964, bleek ‘It’s a Small World’ zo’n grote hit dat Walt het geheel 4000 kilometer verder heropbouwde in z’n eigen Disneyland. De hele ride straalt dankzij haar vrijstaande vaarkanaal nog steeds iets niet-permanents uit, maar dankzij die unieke geschiedenis is dat best door de vingers te zien. De scènes zijn trouwens verrassend fijn uitgewerkt, inclusief een aantal gestileerde Disneyfiguren. Het schattige interieur moet mijns inziens dus niet onderdoen voor de bombastische uitwerking die Parijs je voorschotelt. Het exterieur vol kil wit is helaas de keerzijde van de medaille…

Wie niet van wit houdt, zit bij de buurman echter meteen aan het correcte adres: schreeuweriger dan Mickey’s Toon Town kan haast niet. Deze zee van felle kleurtjes en surrealistische constructies zorgt zelfs op de meest druilerige dagen voor een zomerse explosie. Je kan hier terecht voor meet ‘n’ greets met Disney-characters, ritjes op een standaardcoaster van Vekoma en een dolle taxirit in Roger Rabbit’s Car Toon Spin. Adjectieven als ‘knettergek’ en ‘chaotisch’ werden hoogstwaarschijnlijk speciaal voor deze darkride in het leven geroepen, al vind ik ze nog relatief braaf. De Imagineers die dit project uitwerkten, brengen de rest van hun leven wellicht in een psychiatrische instelling door. Neen, echt: wie als een gek aan het wieltje draait (zoals het hoort dus), geraakt het noorden helemaal kwijt tijdens deze maffe attractie. Maar misschien is nét daarom dit ding zo geniaal!

Op Toon Town na, is de rechterhelft van Disneyland qua opbouw grotendeels gelijk aan het Parijse park. De linkerzijde ziet er daarentegen helemaal anders uit. Zo kan je vanuit Fantasyland rechtstreeks doorsteken naar Frontierland, iets waar je in Parijs al erg ver voor moet kunnen springen. Bovendien telt deze parkzijde twee extra themazones waardoor het geheel een stuk sterker gefragmenteerd werd dan in Europa. Frontierland komt hier bijvoorbeeld kleiner over dan bij ons. Naast de bekende schepen op ‘Rivers of America’ en het speelparadijs ‘Tom Sawyer Island’, is Big Thunder Mountain hier dan ook de enige topper. De moeder aller mijntreinachtbanen opende in september 1979 en werd sindsdien in drie andere Magic Kingdoms gekopieerd. Europeanen zijn (voor één maal) verwend en raakten inmiddels gewend aan de meest recente versie, waarin vooral de laatste tunnel een highlight is. In Anaheim ligt het rotsmassief van ‘Big Thunder Mountain’ op het vasteland, waardoor een dergelijke tunnel relatief nutteloos zou zijn. Toch slaat deze versie de plank gedeeltelijk mis door sterk te beginnen, maar na elke lifthill steeds een beetje zwakker uit de hoek te komen. Dieptepunt is de belachelijk korte en brave finale tussen lifthill nummer drie en het uitstapstation. ‘Big Thunder Mountain’ mist dus de opbouw en de apotheose die je van een E-ticket verwacht, maar dat wil niet zeggen dat ie slecht is. Integendeel zelfs: voor een familiale coaster scoort dit beestje dankzij haar knappe setting en fijne lay-out uiteraard ruim voldoende.

Even een straffe uitspraak doen zodat iedereen bij de les blijft: in dit parkgedeelte doet Disneyland een beetje denken aan Europa-Park. Wees gerust: ik heb het hiermee niet over themaniveau of over darkride-kwaliteit (stel je voor…) maar doel op de themazones die elkaar in sneltempo afwisselen. Disney plaatst gelukkig geen Zwitserse chalets of Russische satellieten in Griekenland, maar pakt het subtieler aan. Het minigebiedje Critter Country is bijvoorbeeld niet meer dan een cartooneske uitloper van Frontierland. Naast een kleinschalige – maar uiterst charmante – darkride rond Winnie The Pooh vind je hier maar één topper: Splash Mountain.
Denk ‘ns terug aan je schooltijd. Ken je dat verschrikkelijke type kinderen dat over lijken gaat om steeds de beste te zijn? En het ergste is dat ze dankzij hun schatrijke ouders meestal ook dat doel bereiken. Wel, Disneyland is zo’n rotkind. Toen boomstammenbanen tijdens de jaren tachtig als paddenstoelen uit de grond schoten, hield Disney jarenlang de boot af met het argument dat zo’n logflume toch niet origineel genoeg was. Disney kwam daardoor te laat tot het besluit dat een dergelijke waterride in het hete Californië eerder nood dan luxe is. Het kindje was dus woedend en bovendien stikjaloers op alle andere parken die de klassieke boomstammekes al jaren in hun aanbod hadden.
‘Ach, we lossen dat wel op,’ susten de Imagineers en het spaarpotje van Mickey Mouse moest eraan geloven. Disney opende in 1989 vervolgens een logflume die geen spaander heel liet van de tientallen oudere soortgenoten. Vaarwel kale constructie, vaarwel stalen vaarkanaal; hallo ‘Splash Mountain’. Het rotkind werd uiteindelijk verwend met een tien minuten durende rit, drie afdalingen, 103 (!) audio-animatronics en een omgeving die niks aan het toeval over laat. Er zijn wereldwijd dan ook maar weinig attracties die even levendig en vrolijk door het leven gaan als ‘Splash Mountain’. Het kindje was dus weer blij… en de bezoekers (inclusief mezelf) genieten honderd procent mee.

Bestaat er zoiets als ‘The Darkride Capital of the World’? Zo niet, vind ik deze titel nu uit en gaat de hoofdprijs naar… Disneyland Anaheim (helaas voor Europa-Park en Phantasialand!). Alleen al voor de twee legendarische exemplaren in themazone New Orleans Square zou een darkride-liefhebber immers moorden begaan. Pirates of the Caribbean en The Haunted Mansion zitten steevast naast elkaar op bingomiddagen voor bejaarde attracties. Deze twee toppers voelen zich namelijk te goed om in de buurt van hun leeftijdsgenoten te komen… en terecht! Kwalitatieve darkrides uit de sixties zijn dan ook even zeldzaam als werkende attracties tijdens een gemiddelde dag in Walibi. Beide rides hebben een veel jongere kopie in Europa, maar moeten daar beslist niet voor onderdoen. De lange ritduur en ongelooflijk sterk uitgewerkte gevechtsscène – je ziet een knap piratenschip vanuit een dikke mist opdoemen – zijn zonder twijfel de blikvangers van ‘Pirates of the Caribbean’. De recent toegevoegde personages Jack Sparrow en Captain Barbossa werden passend geïntegreerd, maar creëren in mijn ogen geen enorme meerwaarde.
Dat laatste kan je overigens ook zeggen over het aanpalende restaurant ‘Blue Bayou’. Hoewel ‘Blue Lagoon’ een van m’n favoriete adresjes is om in Disneyland Paris te dineren, was deze Amerikaanse variant namelijk een regelrechte tegenvaller. Je betaalt minstens even veel, maar krijgt daar onvriendelijk personeel en een matige, niet-verfijnde maaltijd voor terug. Het restaurant is best sfeervol ingericht, maar geef je geld liever elders uit…

Net als de buurman, is ook ‘The Haunted Mansion’ een darkride die haar leeftijd nauwelijks verraadt. De voorshow komt sfeervoller over met de Franse narratie, maar de rit scoort dan weer minstens even hoog als haar Europese tegenhanger. Misschien zelfs hoger, want ik moest met momenten fel denken aan Orlando’s ‘Haunted Mansion’ en vond die alleszins beter dan ‘Phantom Manor’. De Amerikaanse versies kunnen immers pronken met een veel betere aanloop naar het spookstadje en komen duisterder over. Toppertje!

Wie stilaan genoeg heeft van al die darkrides, moet nog heel even tandenbijten. Om de pijn te verzachten, schotel ik je echter met plezier een van ’s werelds meest bejubelde attracties voor: Indiana Jones Adventure. Naast de museumstukken van New Orleans Square is dit een regelrecht groentje, maar met haar zeventien jaar heeft ook ‘Indiana Jones Adventure’ intussen een respectabele leeftijd. De effecten die men je hier voorschotelt, zijn van een dermate hoog niveau dat dit in het openingsjaar wellicht een absolute sensatie was. Ook in het heden blaast Disneyland nog elke dertig seconden twaalf passagiers omver met verbluffend thema en sublieme sfeerschepping. Het zou flauw zijn om het volledige ritverloop uit de doeken te doen, maar enkele sleutelbegrippen kan ik je wel verklappen: ‘op hol geslagen terreinwagen’, ‘wankele hangbrug’, ‘bloeddorstige zombies’ en ‘rollende steen’. Combineer al dit moois tot een attractie, maak het nog drie keer cooler dan je het al inbeeldde… et voilà: ’s werelds beste darkride is geboren! Wanneer je voor een gesloten ‘Indiana Jones Adventure’ komt te staan, is je bezoekje aan Disneyland nog niet half zo leuk als het bedoeld is. Mis dit dus in géén geval!

Hoewel Adventureland de oppervlakte van een gemiddelde postzegel nauwelijks overtreft, zijn er naast ‘Indiana Jones Adventure’ nog twee klassiekers te beleven. Eén daarvan is ‘The Enchanted Tiki Room’, een elektronisch vogeltheater dat enkel wegens de legendarische muziek op je to-do-list hoort te staan. Meer fun vind je gelukkig bij Jungle Cruise. Dit is zo’n typische attractie die in Europa hopeloos zou floppen, maar het in Amerika behoorlijk goed doet. Meestal dan toch, want ditmaal had de begeleider het zelfs met een boot vol Amerikanen – die van overacting hun tweede natuur maakten – moeilijk om de sfeer erin te krijgen. Met veel overdrijving wegduiken voor plastieken pirana’s of statische nijlpaarden… het lijkt een beetje out-of-date. Mis ‘Jungle Cruise’ echter niet in Orlando of Anaheim, want heel zelden komt de skipper nog wel ‘ns scherp uit de hoek. Vooral als ie weet dat je uit het verre Europa komt…

Met ‘Jungle Cruise’ hadden we zowat alle must-do’s van Disneyland aangevinkt. Op vlak van attracties dan toch, want een Disneypark is niet compleet zonder ijzersterk entertainment. De parade kon dat aanvankelijk niet geheel bevestigen. Ondanks de ronduit geweldige muzikale begeleiding, miste Mickey’s Soundsational Parade namelijk body. De kostumering zat goed, maar de floats konden me met hun detailarme, overdreven speelse gedaante maar matig overtuigen. Bovendien kan ik nauwelijks vatten dat de finalewagen geheel aan een relatief nietszeggend figuur als Mary Poppins gewijd werd. Jammer!

Na het invallen van de nacht kan Disneyland haar talent gelukkig beter bewijzen. De ‘Rivers of America’ zijn twee maal per avond het decor voor het wereldberoemde Fantasmic! Het lot was me voordien nooit gunstig gezind. In 2008 draaide de show tijdelijk niet in Anaheim en twee jaar later gooide een onweer roet in het eten tijdens m’n verblijf in Orlando. Maar derde keer, goeie keer: ‘Fantasmic!’ ging gewoon door en we konden het spektakel van op de eerste rij beleven. Deze twintig minuten durende show neemt je mee in Mickey’s droom. Die droom wordt echter – hoe kan het ook anders – gekaapt door Ursula, Maleficent en andere Villains. Dit alles mondt uit in een waanzinnig knap hoogtepunt waarin Maleficent het gedaante van draak aanneemt. Disneyland trekt voor ‘Fantasmic!’ een hele resem aan licht-, geluids- en vuur(werk)effecten uit de kast en twijfelt bovendien niet om haar halve character-afdeling een late shift te geven. Het mag dus duidelijk zijn dat men kosten noch moeite spaart om de bezoekers stevig onder de indruk huiswaarts te sturen. ‘Fantasmic!’ is dan ook Disney op z’n best en Europa kon tot voor kort alleen maar dromen van een dergelijke slotshow.

De bezoekers die nog niet impressed waren door ‘Fantasmic!’ worden iets later onder de indruk geknald door het plaatselijke vuurwerk. Remember… Dreams Come True lijkt in geen enkel opzicht op de drie losse flodders die Parijs de afgelopen zomerseizoenen voorzichtig ontstak (sssst, je zou de buurtbewoners maar ‘ns wekken). Disneyland Resort trekt zich geen *tuuuuuut* aan van de buren en knalt er bijna twintig minuten op los. Soundtracks van Disney’s beroemdste attracties vormen de rode draad tijdens deze gemodificeerde ‘Wishes’. Het vuurwerkgeweld kan gerust tippen aan Epcot’s ‘IllumiNations’, maar Anaheim skipt de doodse momenten die Epcot helaas wel heeft. Dus euhm… Disney’s strafste vuurwerkshow: check!

Hoef ik eigenlijk nog een conclusie te schrijven? ‘Fantasmic!’ en het vuurwerk waren namelijk alleen maar een zoveelste bevestiging dat Disneyland Anaheim haar onderschrift ‘The Happiest Place on Earth’ niet gestolen heeft. Het resort trekt immers alle registers open om haar bezoekers een fantastisch verblijf te bezorgen. Bovendien komt het attractieaanbod zowel kwalitatief als kwantitatief enorm sterk uit de hoek. De meeste parken kunnen alleen maar dromen van toppers als ‘Space Mountain’, ‘Indiana Jones Adventure’ of ‘Splash Mountain’. Wanneer je deze drie pareltjes in één park neerploft, ben je dus een bescheiden genie. Wetende dat Disneyland er tijdens dit paasweekend perfect bij lag, hoge capaciteit haalde en voor een fantastische sfeer zorgde, weet je dat dit zonder twijfel een van ’s werelds beste themaparken moet zijn. Het enige minpunt dat ik me kan inbeelden, is dan ook het feit dat je zowat twintig uur moet reizen naar dit magische plekje. Maar van zodra ik het geld ervoor heb, komt die tunnel tussen Antwerpen en Anaheim er. Dat is beloofd!

2 gedachtes over “Casino’s, Canyons & Coasters – Disneyland Anaheim

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s